Wizzewasjes

Gebubbeld

Categorie: Zalige zaken, zever & zorgen (Page 2 of 849)

De lakens

Toen ik schreef dat wij nog steeds met de winterlakens sliepen in volle zomer kwam na enig logisch denken en overleg het besef dat dat puur uit gewoonte was.

De koele lakens kwamen uit de kast.

Jawadde, viel dat tegen. Koele lakens zijn als een koele minnaar: koud en kil, afstandelijk en hard.

Al snel miste ik mijn fleece lakens, warm en gul, zacht en snoezelig, de gezelligheid van het samenzijn, het nog eens omdraaien omdat het zo zalig aanvoelt.

Sedert 2 september liggen ze terug op bed en zijn de koele terug de kast in.

Wat blijkt nu? Aan het koel en berekenend slapen kwam ook een eind.

Anderen hebben nood aan een knuffelbeer, ik heb nood aan mijn knuffellakens.

Huidhonger …

Woordenschat

Nadat we al te kennen gaven dat we het zo niet begrepen hebben op frietjes en groentjes -maken wij ons menuutje zelf af met tomaatjes, paprikaatjes, knolseldertje en ons vleesje niet te vergeten- moet ik nu ook nog melden dat ik het ook niet zo begrepen hebben op al die uitdrukkingen die met school te maken hebben zoals daar zijn: “de beste of de slechtste leerling van de klas”, het mondeling examen dat een wielrenner, die niet zo goed presteerde in de TdF, zou moeten afleggen1, een andere die bij de les is2 en de examens waar men het over heeft bij voetbalverslagen.

Als dat allemaal te maken heeft om de spraakvaardigheid van journalisten te bewijzen kunnen we er nog bij vermelden dat we het ook niet zo begrepen hebben op die uitdrukkingen als men het heeft over de wielrenners die de kopgroep moeten laten rijden. Die noemen ze dan de gesneuvelden.

En zij die niet winnen zijn de geslagenen of de verslagenen. Ik weet niet of ze het weten maar dat zijn gewoon de verliezers alhoewel ik zelfs dàt woord niet zou gebruiken, er kan er namelijk maar ene winnen. Wat zouden ze zeggen moesten die mannen met hun 180 of meer op één lijn over de eindstreep komen?

1 VRT NWS – url: https://sporza.be/nl/2020/08/29/michel-wuyts-safety-car …
2https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20200905_96534493

Stampei op de kassei

Dat we niet echt het land uit moeten om prachtige dingen te zien, wisten we al.

Dat we niet ver van huis moeten zijn om mooie dingen te zien, wisten we ook al.

Dat we zelfs op ons eigen koerke rare dingen kunnen zien, is nu wel bewezen.

(Lees verder onder de foto)

“Kom eens mee met uwe kodak” zei Luc toen hij het fruitafval naar de container ging brengen.

En bovenop op de kassei ging het er nogal heet aan toe, alhoewel wat heet “heet” als het over slakken gaat? Ze deden vuil manieren allee …

Dat heb ik, eens binnen, wel eerst opgezocht om zeker te zijn. Ik googelde op “parende naaktslakken”.

Toffe zoekfunctie hé …

De ochtendkoffie

Na een kuip voor mijn onderbewustzijn, een kuip voor mijn bovenkamer, een kuip voor de goede luim en dan kan ik er weer tegen.

Na een volgende kuip omdat het zo lekker is, bedenk ik dat ik verder geen redenen meer vind om nog een zjat in te schenken, behalve dan dat ik dat zwarte vocht langer lekker vind dan één zjat.

Op sommige dagen is tegen de middag de liter water op. Op sommige dagen niet. Op sommige dagen is na de nadenoen, tegen de aanvang van de avond, de tweede liter op. Op sommige dagen niet.

Kort gezegd: wat koffie betreft duurt de ochtend een hele dag.

De frigo met aanhang

Wij hadden geen diepvriezer meer nodig. Dat vonden wij toen onze grote bak in de kelder kapot ging. We waren te veel weg naar de evenementen, later waren we op pensioen.

We konden niet impulsief een pizza eten, maar ach, de Colruyt is niet zo ver. Vorige zomer echter leerde ons dat we dan soms wel naar de nachtwinkel moesten voor een ijsje.

Met de zomer van 2020 op komst besloten we daar wat aan te doen en we bestelden ons in februari een klein diepvriezerke, groot genoeg voor een paar pizza’s en een doos ijs en daar dan nog wat dagelijkse kost erbij. Je kan nooit weten dat we beiden samen eens ziek zouden worden.

En toen kwam Corona, de kans op ziek worden steeg met 200% en wij konden niet aan vlees geraken. De pizza’s vielen sowieso uit de boot.

We leerden creatief met de diepvriesruimte omspringen, vlees en groenten kwamen er in. Voor ijs bleek er wel nog wat gelimiteerde plaats.

En toen kwam de tweede golf en werden de stouteriken, die zomaar met twee naar de winkel durfden gaan, gestraft. Samen boodschappen doen mocht niet meer.

Dat werd een fiasco toen de kalkoenreepjes groen zagen en de paella opgeblazen was als een ballon.

De thermometer toonde ons dat het in onze frigo 13° was. Een mens zou er zo gaan in zitten met die hittegolf maar goed en gezond was het niet.

En zij die denken dat ik op mijn eentje een koelkast zou gaan kopen, die denken verkeerd. Dus zochten wij op op internet en vonden wat we wilden. Een toestel met zowel een koelkast als een diepvriezer. De koelkast iets groter dan de oude en het diepvrieselement ongeveer zo groot als onze mini-diepvriezer.

Zo snel als het terug mocht togen wij naar een echte winkel in een echte stad en kwamen weer voor het voldongen feit te staan dat onze keuze niet in voorraad was, Jawel, twee exemplaren, maar dat waren toonzaalmodellen.

Gelukkig hadden we het deze keer voorzien en hadden vier -duurdere, wat dacht je anders?- alternatieven opgeschreven.

Woensdag werd hij geleverd. Sedertdien voelen we de koude weer als we onze hand in de koelkast steken. Verschillende pizza’s zijn aanwezig en de ijsjes kregen een heel vak.

De zwaluwen

Jaren geleden zaten er zwaluwen in onze aanbouw.

Toen we in 2007 het dak van de aanbouw lieten vernieuwen verdwenen de nesten. Sedertdien spreken we er van om bij de Boerenbond EENS kunstnesten te gaan halen. Je weet wel, dat ééns. Maar het is zo simpel niet. Luc zou zijn leven moeten riskeren om die nesten op te gaan hangen. Of we moeten een oplossing zoeken met een stuk nepdakgoot of -afdak.

De zwaluwen komen en gaan jaarlijks.

Op de tweede september zaten ze zich te groeperen op de draad. Vroeger voorspelde men een strenge winter als de zwaluwen vroeg vertrokken.

Het enige wat ik dacht was: “Weeral een jaar verloren”.

Komaan! Koerazjie!

Toen we op pensioen gingen kwamen we tot de bevinding dat we geen sociaal leven meer hadden. Om toch eens onder de mensen te komen maakten we ons een profiel bij iets waar we konden inschrijven om deel te nemen aan één of andere activiteit. We kozen de activiteiten, kwamen onder de mensen als wij dat wilden, geen kakofonie van door elkaar pratende stemmen, geen overvloed van geluiden. Waren we het wat beu, bleven we thuis.

Wat krijgen we nu? Nu we helemaal niemand meer zien? Als je wil inschrijven moet je dat met een bubbel van vier doen. Het is nu precies omdat wij die fameuze bubbel met vier niet hadden dat we dat profiel aanmaakten.

Hetzelfde zag ik maandag trouwens bij Vive le Vélo. Wil je gaan kijken, moet je met vier inschrijven. Nu niet dat ik dàt zou willen, daarvoor hoor ik niet goed genoeg.

Op zoek naar een bezigheid vond ik op de Kringshop breiwol, mooie breiwol en voor een prijske. Ik bestelde, betaalde en wachtte op een bericht om af te halen.

Ik kreeg een bericht maar niet om af te halen. Wel om te melden dat de wol niet langer beschikbaar was.

Hoe kan dat nu? Winkelwagen? Bevestiging? Betaling?

Weet je wat ik denk? Ik denk dat bij het gereedmaken van de bestelling iemand heeft gezegd: “hé, maar die wil ik ook wel” en dat ze toen hebben beslist dat die ouw seut zich maar verder moest vervelen en dat terwijl ik het gehaakte mouwloze vestje in gedachten al voor mij zag hangen.

Weet je hoe ik me voel? Weeral niet goed genoeg om normaal behandeld te worden.

Willen we het nog eens hebben over zielig doen?

Als slapen hard labeur is

Na een paar nachten het gevoel te hebben gehad dat ik de hele nacht had gedroomd dat ik sliep maar het eigenlijk niet deed -hoe raar klinkt dàt- schrok ik op zekere nacht op en dacht haast luidop: “Het is Ohio!” Het is Ohio? Wat was Ohio? Wat gebeurde er in Ohio? Maar Ohio was klaar en duidelijk een antwoord op mijn vragen geweest.

Ik ben er uit. Ik weet wat ik ‘s nachts doe terwijl ik denk dat ik slaap. Ik maak kruiswoordraadsels, ik doe sudoku’s, ik switch en meer van dat spul.

Misschien moet ik ze gedurende de dag wat meer terzijde laten of net meer gaan spelen, zodat ik ‘s nachts geen nood heb om mijn hersenen te treiteren.

Zijn er nog zotter dingen om ‘s nachts te dromen?

Weet je wat?

Weet je wat ik storend vind?

Apps op mijn telefoon waarvan de naam fout wordt gesplitst, zoals bijvoorbeeld “Boodschappenlijst” dat gesplitst wordt na de tweede “P”. Ik zette een nieuwe app op de telefoon die toelaat dat die namen aangepast worden. Dat lukte dus niet, zo een beetje het probleem zoals met tekst uitlijnen. Het is de app die beslist dat een koppelteken tussen de twee “P’s” op het tweede lijntje moet komen.

Wat raar is: er is geen goed synoniem voor boodschappenlijst en ik vertik het om het Engelse “shopping list” te gaan gebruiken.

Weet je wat ik vervelend vind?

Dat alle renners in de koers “Kampioen” blijken te heten. Kampioen van hier, kampioen van daar en jij als kijker moet maar weten over wie ze het hebben. Niet iedereen heeft -spijtig genoeg- een fichebak zoals die van Michel Wuyts, waar je rap efkes kan opzoeken wie wat wanneer gewonnen heeft.

Gewoon die koereurs hunnen naam en alles zou veel duidelijker zijn.

Weet je wat ik helemaal schabouwelijk vind?

Dat ik niets anders beleef om over te schrijven dan futiliteiten die niemand interesseren.

Ik zou het anders wensen … moest dat kunnen.

Nu vraag ik me af …

Op 22 februari 2020 waren we het laatst bij Lucs zus en zei ze: “Zie dat je mijn verkoudheid niet raapt”, wat Luc natuurlijk wel deed en we beslisten dat hij op 29 februari, zaterdag vóór de skiërs zouden terugkeren uit vakantie toch maar best naar de dokter ging, die een fleske voorschreef en die hem zei dat er helemaal niks erg aan het handje was en dat hij, mocht het toch weer erger worden en op een bronchitis uitdraaien nog maar eens moest terug komen.

Het werd geen bronchitis en wij waren opgelucht en gelukkig.

Toen ik op 7 maart een wattegevoel in mijn keel kreeg en daarna opgescheept zat met een soortement snotvalling van 9 maart tot en met 15 maart waarbij ik een lichte temperatuurverhoging kreeg vond ik het al bizar. Verkoudheden gaan gewoonlijk bij mij niet zo snel voorbij. En ikke en koorts of verhoging zo je wil, dat valt zo vaak voor als een peer aan een appelboom.

Toen ik dan die 15de maart opstond met een ratelhoest die enkel ‘s morgens blafte maar die toch bleef aanslepen noteerde ik alle bovenstaande data, want je weet maar nooit. We hebben enkele maanden kiekenbouillon gezopen met liters, we gingen een hele poos in de namiddag een dutje doen en uiteindelijk is het in alle stilte verdwenen en waren wij akkoord dat het toch maar een verkoudheid van een rare soort was geweest.

Nu blijkt dat corona al veel vroeger tussen ons rondwaarde1. Een mens zou zich gaan afvragen …

1 Het Nieuwsblad

Page 2 of 849

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén