Wizzewasjes

Te lezen en te zien

Categorie: Zalige zaken, zever & zorgen (Page 2 of 826)

Grap met nawerking

Vroeger leerde men ons dat je een geschreven stuk niet met “ik” mocht beginnen. Zodoende gooi ik er maar deze inleiding tegenaan.

Want ik heb een probleem. Ik durf me namelijk niet meer te bukken.

Hier thuis kan het me nog zo niet schelen maar elders, bij het snuisteren vooral, zijn de lager gelegen kasten en schuiven van die aard dat ik me echt op mijn hukske ga zetten. Ik buk me niet.

Dat komt door een grapje van lang geleden. Een toenmalige baas vertelde:

Ik kwam door de deur en vroeg me af wie die glasbak daar had neergezet. Maar het was geen glasbak, het was Qweenie* die daar, met haar achterwerk omhoog, gebukt stond.

De grappigheid van de grap laat ik in het midden, ik ben namelijk een zuurpruim en moeilijk tot lachen te verleiden.

Maar telkens ik voor zo een kast of rek zonder poten sta, moet ik aan een glasbak denken.

*Queenie is een fictieve naam.

Overnemen

In de winkel waar we bijna het hoekje om gingen lag er aan de kassa een stapeltje boekjes.

Ik was lichtjes ontdaan toen ik zag dat het boekje over touwfiguren ging en dat ze daarvoor 9,95€ vroegen. Maar ja, het boekje legde het dan ook stap voor stap uit.

Touwfiguren? Stap voor stap? Dat konden wij in onze kindertijd gratis en we kenden de mogelijkheden bij het overnemen ook wel allemaal stap voor stap. Ik trek rare ogen naar Luc en bedenk …

Als ik ergens in een winkel een foto neem tracht ik dat discreet te doen, maar nu was het een kwestie van hebben of niet hebben en van de wereld behoort de durvers. Dus ondanks de aanwezige kassierster neem ik een foto. Eigenlijk twee want ik zet de achterkant met prijs er ook nog eens op.

Nu niet dat ik er toen al wou over bloggen, maar je kan niet geloven hoe dikwijls pas achteraf aan het denken ga en hoe dikwijls ik me al voor het hoofd sloeg voor een foto die ik niet nam.

Hoeveel kilometer?

Al sedert de tijd dat ikzelf wat aan de auto te palaberen had/heb stoorde het me als de benzine-indicator in het rood ging staan. Meer nog, het ergerde me enorm.

Ik was dan goed in het bedenken van rampscenario’s zoals: “Als één van ons ‘s nachts iets krijgt, geraak je niet eens in de kliniek”.

Het antwoord was steeds hetzelfde en wel dat dat geen kwaad kon, dat je daarmee nog zeker 100km kon rijden.

En ik dacht dat het niet goed kon zijn dat het bezinksel opgeroerd wordt/werd door een tank zover leeg te laten geraken.

Wat is het verschil tussen tanken als je bijna al terug uit het rood komt versus tanken als de wijzer dat rood bijna gaat raken?

Ik heb er nu geen probleem meer mee, Luc tankt als de wijzer naar dat rood begint te wijzen.

Onlangs las ik het artikel waarin stond hoe ver je nog raakt met een van roodheid aangeslagen tank1.

Ik weet niet of Luc het las. Hij heeft er toch -nog- niets van gezegd. Dat zal nu wel komen.

Maar onze auto staat er alvast niet tussen, dus de tankregel blijft in voege.

1 Het Laatste Nieuws

De deur naar de …

We gaan naar een winkel.

In de ondergrondse parking staan we voor de keuze: de trap of de lift. Uit sportieve overwegingen nemen we de trap. We nemen altijd de trap behalve als we naar het tiende moeten, bij manier van spreken.

Bovenaan de trap is de toegangsdeur afgesloten en kunnen we, deze keer niet uit sportieve overweging maar uit noodzaak, die trap terug af en de lift in. En wat raar is. Boven zien we helemaal geen deur voor een trap.

Als we willen afrekenen bij de kassa, begin ik erover. En ja, het is wel de bedoeling dat je die trap kan nemen maar ja, soms vergeet men die deur van slot te halen. Waarop ik vraag waar die deur dan toch uit moet komen want daar hebben wij het raden naar omdat die niet te zien was.

Ze zei:

“Als je hier het hoekje omgaat.”

Eens buiten zeg ik: “Het hoekje omgaan?” Waarop Luc antwoordt dat hij even overwoog om te antwoorden: “Dat was ik niet van plan!”

We zijn het hoekje niet omgegaan, we zijn alleen maar eens voorzichtig gaan gluren.

Op ons koerke

Nu we na de vorige zomer beslisten dat we de clematissen zouden weghalen omdat het toch alle jaren hetzelfde was, ze maken knoppen en worden dan ros, verraste de witte ons dit jaar toch met een overvloed aan bloemen. De roze staat nog volop in de bot.

Kon het zijn omdat ik niet had gesnoeid omdat we zinnens waren ze weg te doen? En ook wel een beetje omdat ik dat een beetje vergeten was.

Wegdoen is wat op de lange baan geschoven, we gaan eerst kijken wat het wordt met echt zomerweer. Als ze durven ros worden … de onverlaten …

(Lees verder onder de foto’s)

Er was nog iets dat we volop hadden. Om één of andere bizarre reden zaten er massaal veel vliegen op het betonnen paadje van de keuken naar het kot. Vanwaar ze kwamen kan ik me niet indenken. Het deed me wat denken aan de tijd dat Buurboer er nog was en dan vooral zijn koeien.

Dat probleem is opgelost. Daar hebben de mussen voor gezorgd. Gedurende enkele dagen hadden we echt wel een mussenpopulatie. Zo zaten er met hele dagen zo’n 6à7 mussen op ons koerke. En toen ze verdwenen waren de vliegen ook weg.

Een beetje jammer dat we, moesten we mussen willen lokken, eerst vliegen moeten gaan kweken.

Zoeken op de juiste wijze

Zo van tijd tot tijd wil ik wel eens mijn kop breken over een raadsel of een puzzel, zij het dan niet die waar je de stukjes letterlijk in elkaar dient te passen.

Waar ik niet zo van hou zijn van die raadsels met doodlopende straatjes, zoals dat waar ik laatst mee bezig was.

De dag dat onze gps kuren begon te verkopen wou ik de kaart van België erbij pakken. Die zat in het vak achter de bestuurderszetel. Beter gezegd, daar had die moeten zitten.

Nu was die landkaart op zich niet echt het probleem -we hebben elk nog een gsm ook- maar wél de topografische atlas die daar bij zat. We hebben er zo twee: een grote van 1:50 000 en een kleinere van 1:100 000. De grote staat op de boekenplank, de kleine had in de auto moeten zitten.

Meestal maakt Luc de auto leeg als die naar een onderhoud moet, maar dan wordt alles wel netjes teruggeplaatst.

Ik overdacht de situatie grondig, bekeek de boekenplank, ging overal kijken, overdacht nog grondiger, bekeek de boekenplank beter, ging op onlogische plaatsen kijken, overdacht mijn overdenkingen, stapte naar de boekenplank, bekeek boek per boek en vond hem.

Het probleem? Heel simpel. De oplossing ligt zo voor de hand. Ziedet?

Ik zocht een boek met een groene rug.

De uitvaart

Jaren geleden beloofde ik mezelf dat ik nooit nog om religieuze redenen een kerk zou binnen gaan tenzij voor een trouw of een begrafenis.

De dienst was geen mis, de man met het kleed, die de dienst voorging, denkelijk geen pastoor. De koster, als het de koster was, bediende niet enkel het orgel maar speelde ook trompet en nam ook de zang voor zijn rekening. Hij had een mooie warme stem.

De hele dienst werd vertolkt aan de linker pupiter, niet aan het altaar.

Ik zat er wat ziende blind -achter een vrouw met een hoge berg haar- en horende doof -linker hoorapparaatje is aan reanimatie toe- te zijn.

Een dienst om uit te zitten … tot die warme gevoelvolle stem het Ave Maria van Schubert zong en ik mijn hoorapparaatje vervloekte.

Na de dienst ging het te voet naar het kerkhof, niet zo direct naast de kerk en toch wel een trotteke, om de overledene niet zomaar aan de eindbestemming uit de auto te zetten maar een eindje mee te lopen op de laatste weg.

Er reden ons een paar vrachtwagens en enkele auto’s voorbij via de linker rijstrook. Ik dacht dat je een rouwstoet niet mocht inhalen. Of het een wet is of gewoon een kwestie van hoffelijkheid weet ik echter niet.

Toen de corbillard het kerkhof binnen reed en ik de hele lange rij auto’s zag die stapsgewijs achter de familie, vrienden en bekenden aanreed was dat een respectvol uitgeleide.

De koffietafel was zoals alle koffietafels: van “lang niet gezien” tot “en jij bent de zoon van?” en beloftes om eens af te spreken zonder begrafenis waarvan iedereen weet dat het er niet van komt omdat het leven veeleisend is.

Neen, ik moet geen uitvaart in een kerk, geen gebabbel aan een pupiter.

Speel “I will return1” van “Springwater” om het geluid van sleffende schoenen te dempen en zorg voor iemand die het Ave Maria van Schubert kan zingen zodat het stil wordt.

En vooral! Maak mijn laatste wandeling te voet.

Foto: Gevelfragment
1 Springwater

Cassettes op DVD

Wat blijft er over na nog maar eens een opruimactie? Gewoon een vraag.

Wat gaan we nu met die grote doos oudere videocassettes doen?

Videocassettes vind je nu ook in sommige Kringloopwinkels, maar volgens mij zullen die ook geen al te groot succes zijn.

Ik zocht op of er een middel bestaat om ze op DVD over te nemen. We opperden al van toch nog eens te proberen met de cassettespeler. De kans op vastlopen is te groot, ze staan al te lang stil. Dus dat idee werd ook afgevoerd.

Bovendien komt er ook nog bij dat smaak en goesting in de loop van jaren wel eens veranderen.

Eigenlijk zou het misschien handiger zijn om niet te gaan opruimen, om alles te laten zitten waar het zit. Je hebt er verdorie minder problemen mee.

Op paasjacht

Dat is niet echt nodig natuurlijk. Pasen komt zo ook wel. Maar het ging me meer om paasfoto’s. Alle foto’s die ik ooit van internet haalde zijn van het blog verwijderd en aan vervanging toe.

En waar vind je paasspullen? Ha! In de Kringwinkels waar we passeerden kon ik al sedert begin april foto’s maken. Daarom zijn ze nog niet allemaal geschikt. De meest geslaagde staan hier. Ik twijfel nog of ik ze ga gebruiken bij logjes uit het verleden.

Vandaag heeft Pasen de actie ingehaald. Straks gaan de klokken weer luiden. Het is een mooie zonnige dag. Profiteer ervan!

Kinderoppas

De laatste dagen lees ik wel meer artikels over kinderen die alleen thuis worden gelaten. Men spreekt daar schande van. Dat is kinderverwaarlozing volgens sommigen.

Vroeger bleek dat geen probleem. Sinds mijn twaalfde moest ik soms ook op mijn twee broers en zus passen, waarvan de jongste tien jaar jonger was dan ik. Onze ouders gingen dan wel niet op vakantie of bleven de nacht niet weg, ze gingen gewoon eens uit. Maar ik moest er toch voor zorgen dat iedereen op tijd in bed lag.

Met drie opstandelingen die me voorhielden dat ik hun moeder niet was, was dat geen sinecure. Zeker niet dat ik telkens ‘s avonds al wist dat ik de volgende ochtend tegen mijn sikkedeizen ging krijgen omdat de drie rebellen wel wisten hoe ze er moeste voor zorgen dat ik tegen mijn sikkedeizen zou krijgen. Dus kreeg ik ook telkens, voor de ouderlijke uitstap te horen dat ik zo bazig niet moest zijn.

Goed. Ik heb dus nooit gewild dat één van mijn kinderen moest opdraaien voor de andere.

Op zijn twaalfde was Zoneke het beu om tijdens de vakantie bij zijn grootmoeder te gaan terwijl ik uit werken was. Hij vroeg of hij niet thuis mocht blijven. Hij had het grondig voorbereid: hij sliep toch tot tegen tienen en om ten laste half één was ik toch terug vermits ik halftijds werkte. Bovendien beloofde hij me dat hij me zou bellen als hij op was, maar ook als er ook maar iets gebeurde. Het was de laatste vakantie voor ik stopte met werken en zelfstandige werd. Ik vond dat toen kunnen op voorwaarde dat mijn dochter niet thuisbleef. Zij twee samen? Dat zou vonken nogal gegeven hebben. Maar dochter ging liever naar mijn moeder.

Zou ik het nu nog doen? Ik denk het niet. De tijden zijn veranderd.

In mijn tijd -wat klinkt dat oud- moest ik wel de verantwoordelijkheid dragen maar mocht niks. Dat lijkt nu wel gewoon andersom.

Page 2 of 826

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén