“Dat is raar” zei Slow terwijl hij door het venster keek “nu staat de buurman van hier schuin over daar al uren over de leuning naar de beek te kijken”. Dat was vrijdagnamiddag. Raar is dat we de buurman van hier schuin over nog nooit in de beek zien staren hebben, maar dat hij gewoonlijk in zijn hof bezig is al dan niet met machines van allerlei aard.

Zaterdagnamiddag zag Slow ineens dat de buurman van hier schuin over weeral over die balustrade hing en in de beek staarde en ‘s avonds stond hij daar nog.

Zondagvoormiddag trouwens ook. mske vroeg zich af of de buurman van hier schuinover soms zelfmoordneigingen zou hebben, maar ze verwierp die gedachte al snel. Een mens kan bijna normaal over de balustrade heen gewoon in de beek stappen zodat een eventuele sprong enkel natte voeten zou opleveren.

Zondagavond na hun stapke stond de buurman als naar goeie gewoonte in zijn groenselhofke en zei: “warm hé”

Ach ja, misschien heeft er gewoon een haar in de boter gezeten met de buurvrouw van hier schuinover.