Zoneke heeft “sport” gedaan. Hij was zo sterk in zwemmen dat hij gefilmd werd om als voorbeeld te dienen om zwemlessen te geven. Hij kan skiën en hij kan anderen leren skiën. Hij kreeg de bijnaam “Berre Banzaï”. Bij een groep van twaalf kindjes beneden de 3 jaar, leert hij er acht skiën … Die kindjes die nog in hun broek plasten niet, omdat hij die naar de kinderopvang stuurde.

Maar Zoneke heeft geen ritmegevoel. En ritmiek was één van de vakken. En alhoewel Zoneke nooit studeerde, heeft hij wel voor ritmiek gestudeerd.

De dag voor het examen schrokken Zus en mske op door een eigenaardig gebons dat zo ging:

boenk boenk boenk boenk boenk boenk boenk boenk
boenk boenk boenk boenk boenk boenk boenk boenk

Zus en mske crossen naar boven, openen de deur van Zoneke’s kamer en vragen wat hij in ‘s hemelsnaam aan het doen is. Waarop hij zegt: “ik studeer ritmiek” en hij ging door:

één twee drie vier vijf zes zeven acht
één twee drie vier vijf zes zeven acht

Zus en mske keken elkaar aan, sloten de deur en gingen stil terug naar beneden.

En Zus zei: “hopelijk draait morgen die bandopnemer op de juiste snelheid!”