De melkkannen

Onderweg naar Curioseum1 zag ik onderweg de vier grote melkkannen staan, elk met een handgeschreven vermelding.

Later, terug in ons vakantieverblijf, dacht ik aan Lotenhulle en het gebouw waar in grote letters “Melkerij” had op gestaan. En toen had men mij verteld dat die rondreden om bij de boerenhoven de melkkannen te gaan ophalen.

En die had ik, onderweg naar school, ook wel aan de kant zien staan.

Nadat we er verhuisd waren heb ik die melkkannen nergens meer buiten zien staan. Maar er reed wel een melkboer rond waar je de melk per liter kon kopen. Wij hadden daarvoor een melkpot.

En mijn grootmoeder ging met net zulk een melkpot melk halen bij de boer op het eind van haar straat.

Die avond, terug in ons vakantieverblijf, dacht ik: “Potver, we hadden toch moeten proberen stoppen om die kannen op foto te nemen” maar het was een nogal smalle weg geweest en echt niet aangenaam om rijden in de dikke mist.

____________________
1 Curioseum

Chakamaka

Nog zo een herinnering van vroeger, waar ik eigenlijk nooit meer aan had gedacht, kwam nu ook weer eens om het hoekje kijken.

Mijn vader had dat namelijk meerdere keren gezegd als we hem vroegen waar waar we naartoe gingen of waar iemand anders was en hij daar blijkbaar niet op wenste te antwoorden. Dan zei hij: “Naar Chacamaca”.

Maar aangezien dat woord, op andere manier geschreven wel een betekenis heeft in andere talen vroeg ik me af of mijn vader dat woord ergens had opgevangen.

Dus vroeg ik aan Luc of hij het kende. “Ja natuurlijk!” zei die. “Dat zegden ze zo, het is een plaats die niet bestaat”.

Dus ging ik googelen en jawél, ik vond het1, al vind ik mijn manier om het te schrijven dan toch iets of wat overtuigender.

Uitgelichte afbeelding:

    Gegenereerd met Artificiële Intelligentie – Image Creator van Raphael AI (aangepast voor uitgelichte afbeeldingen).

____________________
1 Chacamaka

Dansvloer van vroeger

Om één of andere reden popte er nog een herinnering op van “ooit” toen ik nog veel jonger was.

En nog vroeger -al heb ik het nog een paar keer meegemaakt- werden er zogenaamde bals, T-dansants of fuiven, zoals men ze nu placht te noemen, georganiseerd in een oude parochiezaal of een zaaltje dat bij een café hoorde.

Om het dansen te vergemakkelijken werd dan gedeelte van met een houten vloer belegd, omdat die oude zaaltjes zo lang geleden nog vaak met scheefliggende kasseitjes of eigenlijk bakstenen op hun kant werden gebouwd.

Die houten vloer werd dan bevestigd op een paar houten balken en bestond eigenlijk ook uit gewone geschuurde planken. Daarop werden dan, voor het dansfeest begon nog was, handvollen wassen korrels gestrooid die dan door de dansers verspreid werden en dan werd het ook hoe later, hoe gladder.

Ook heb ik zo een vloer geweten in een spiegeltent, al kwam die dan eigenlijk ook al meer als het kermis was, maar Luc denkt dat ze daar zagemeel over gooiden.

In mijn herinnering waren die vloeren niet zo enorm hoog, gewoon een klein opstapje met een hoogte die menig persoon, die wat met te veel van wat anders, die vloer wat van meer nabij zou gaan bekijken, als die nog iets zag.

Het was een herinnering, nu zouden ze zo niet meer uitgaan.

Uitgelichte afbeelding:

    Gegenereerd met Artificiële Intelligentie – Image Creator van Raphael AI (aangepast voor uitgelichte afbeeldingen).



Akelige herinnering

Als ik het over volgende oude herinnering wil hebben, moet ik toch eerst en vooral vermelden dat ze niet voor gevoelige kijkers lezers is. Ik weet zelf niet of ze echt is of niet, al geloof ik echt wel van wél.

Het moet ergens tussen mijn zevende en dertiende geweest zijn, aangezien we toen woonden waar het zich heeft voorgedaan.

Wij woonden in de huizen van de gendarmerie die gehuurd werden. Tussen twee van de hofkes liep een paadje naar de boomgaard met een poortje langswaar de eigenaar op gewenste en ongewenste momenten één of ander klusje te doen had in één van de huizen.

Die avond in kwestie echter gingen ze in die boomgaard een varken slachten. En aangezien klein en groot, dus alle kinderen incluis, er naartoe mochten gaan, kon mijn moeder ons zo goed als niet verbieden om er ook bij te zijn.

Veel herinner ik me niet meer omdat we, kind zijnde, meer speelden dan opletten. Behalve dan dat, toen men dat haar van het -zogezegd dode- dier ging afbranden, dat varken nog schreeuwde. Ik was er zo van gepakt dat ik dat tegen niemand vertelde, het er nooit met iemand over had.

Jaren later echter, ik was al getrouwd, had kinderen, kwam het gesprek nog eens op die rare huisbaas en vertelde ik het varkensverhaal, waarop mijn moeder uithaalde met: “Dàt is nooit gebeurd!”

Had ze gelijk? Had ze ongelijk? Ik weet het niet zeker. Alleen vraag ik me dan wel af waarom ik een herinnering heb aan verbrand vlees en hoe ik kon weten hoe een varken schreeuwde, aangezien ons werd verteld dat varkens knorden en geloof me het echte geluid van een schreeuwend varken stemt écht wel overeen met mijn herinnering.

Toen ik, in herinneringen verzonken, aan dat voorval dacht, ben ik gaan googelen en ik vond het1. En eerlijk gezegd, dat akelige beeld op die foto, dat komt ook echt overeen met hoe ik het mij herinner.

____________________
1 Erfgoedbank

Hoogbouw

En dan kwam twee dagen later nog een oude -zij het niet zo oud als de vorige- efkes binnenwippen.

Ooit liep ik met mijn kleine zoon langs het voetpaadje naar huis. Ons huis had aan straatzijde een gelijkvloers, een eerste verdieping en een zolder. Aan de kant van het voetpaadje was de kelderverdieping eigenlijk het gelijkvloers. En laat dat dak toch een puntdak geweest zijn met een ornament er op …

Zoneke keek -zoals steeds- bewonderend naar het huis en hij zei: “Wij wonen in een toren hé mama”.

Zo zag dat er wel een beetje uit, met de straat hoog boven ons en de straat aan de andere zijde ook hoog boven ons.

Daarna had hij mij ook nog meegedeeld dat hij, als hij ooit getrouwd was, op die zolder ging wonen. En als er nu iets is dat ik me helemaal niet herinner, is het wel die zolder.

Nu liepen Luc en ik daar voorbij en ik zag dat het uitzicht vanuit de achterramen van ons vroeger huis … ach ja, er stonden appartementsblokken aan de andere straat die het zicht volledig vergalden en de drie huizen aan de voetweg als kinderspeelgoed lieten lijken.

Ik whatsappte Zoon. Hij antwoordde: “Ik weet het, ik ben er zonet ook een paar keer gepasseerd”.

Dat hij ons daarbij ook een paar keer passeerde kunnen we hem niet kwalijk nemen. Hij zal ons daar op die plaats niet verwacht hebben en wij zouden hem sowieso niet herkend hebben.

Een kerk in Antwerpen

De herinnering is erg oud. Ik was vier jaar oud (of nog niet helemaal) toen wij uit Antwerpen verhuisden.

Maar toen wij er woonden was er die dag dag ik samen met mijn vader bij ons de straat uitliep en links afsloeg en in een gebouw binnenging waar mijn vader mij aanmaande dat ik daar muisstil moest zijn.

Het was imposant en het plafond was er hoger dan bij ons thuis. Het gaf me een erg raar gevoel, zo raar dat ik geen kik zou gegeven hebben, zelfs al had mijn vader mij dat niet gezegd.

Later heb ik meerdere malen naar die kerk uitgekeken, maar ik zag ze niet. In mijn geheugen had die een toren … of had ik die erbij gezet toen ik begon te beseffen dat ik daar voor de eerste keer in mijn leven in een kerk was binnen gestapt.

Die kerk staat er en wel zoals ik me herinnerde, die straat uit en links. Maar ze heeft geen toren die ik als bijna-vierjarige zou gezien hebben.

Toen we vorige week te vroeg waren bij het museum -er mochten maar een beperkt aantal bezoekers samen binnen- gingen we even de innerlijke mens versterken en stonden we voor rood vóór die kerk.

(Lees verder onder de foto)

Vermits ik toch moest wachten heb ik er dan maar een foto van genomen … maar wie heeft die lantaarnpaal daar in de weg gezet?

L’histoire du livre

We keken vorige week op een avond naar Henk Rijckaerts show “Maker1” en ergens daarin vertelt hij dat hij ooit op 2dehands een oventje kocht waar hij plastic mee wou smelten en hij vond het -zo leek me- wat zielig dat hij de herinnering van de verkoopster niet op die manier gebruikte die ze zou kunnen verwacht hebben.

Het deed me denken aan een bepaald voorvalleke op een boekenmarkt. Zo van tijd tot tijd foefelde ik eens een paar van de gekregen Franse boeken van vele jaren geleden tussen ons assortiment. Ik ken die boeken niet. Ik las ze niet want de letterkes zijn te klein en ze zijn te bombastisch van taal. Ze zaten in een doos met velen samen vergeeld -en verbruind- te zijn. En ja, zo sporadisch verkochten we er wel ene.

Wat hadden ze wél? Ze zagen er allemaal oud, authentiek en een beetje antiek uit. Hun omslag leek wel leder, maar was het niet. Het was vintage maar toch nep.

Het meisje kwam en wou een boek kopen. Dat vonden wij geen probleem, daar zijn ze voor. Maar, zo vertelde ze, ze zou het boek niet lezen, maar ze zou het verwerken tot iets anders, iets waarbij ze het boekblok niet nodig had, enkel de kaft, want dat zocht ze: mooie kaften.

Dat vonden wij nog altijd geen probleem, we hadden geen binding met die ouwe boeken, verre van zelfs.

Waarom vertelde ze dat dan? Wel, ze had dat ooit terloops, bij het aankopen van zo een boek, ook verteld en die keer ging die verkoop daarom niet door.

Waarom vertelde ze dat dan? Dat vroeg en vraag ik me nog steeds af. Want eens gekocht is het ding, of het nu een boek of een oventje is, toch van de koper en kan die daarmee toch doen wat hij wil? Daar moet je toch niet telkens de reden opgeven waarom je het koopt?

Stel dat je dat bij elke aankoop zou moeten doen.

Uitgelichte afbeelding:

    Gegenereerd met Artificiële Intelligentie – Image Creator in Bing (aangepast voor uitgelichte afbeeldingen).

____________________
1 Henk Rijckaert MAKER

In het nu

Fijne motoriek oefenen met een nogal simpele bezigheid veroorzaakt een hersenreis naar het verleden.

Of dat zo’n goed idee is, hangt wat af van de dingen waar je langskomt.

Sommige laten je glimlachen, andere zijn zo wazig dat je ze niet helder meer ziet of doen je niks meer en andere kan je nog steeds beter mijden als de pest.