Wizzewasjes

Te lezen en te zien

Page 2 of 979

Een rolletje DC Fix

Een spel koop je om te spelen. Dat deden we dus ook, al hadden we Mevrouw Blaauw van Draet en kompanie niet mee laten spelen maar wel Mrs. Peacock and company.

Het bord was nogal aan de kleine kant, de pionnetjes nog kleiner en de detectivebriefjes zeker.

En Luc vond er niets aan.

Een paar weken later liepen we over een rommelmarkt en … Ik geloof dat ik een juichkreet heb geslaakt waar iedereen van opkeek.

“3€” zei de man toen ik het oppakte. Ik zei niets. Ik had op 2dehands geboden en daar hadden ze me geantwoord dat ze er minstens 10€ moesten van hebben en dan nog de portkosten ook.

Ik opende de doos, bekeek het spelbord, controleerde of alle personages, alle wapens, alle kaarten er waren. Hij was volledig. Ik pakte 3€.

“Hij is wel kapot” zei de man. Hij was niet kapot op 2 losse hoeken en een scheur in Mrs. Peacock -in het deksel- na. Hij was gebruikt en dat was duidelijk zichtbaar. Ik overhandigde het geld. “Hij is wel kapot” zei de man nog eens. Misschien had hij mijn hoorapparaat zien zitten en dacht hij dat ik hem niet had gehoord.

Ik verzekerde me ervan dat ik de Cluedo stevig onder mijn arm had -stel je voor dat hij van gedacht zou veranderen- alvorens ik hem zei dat we niet met de doos speelden maar met de inhoud.

Ik vertelde over Cluedo en de vele uren speelplezier. Dat hadden zij er ook aan beleefd zei hij en vond het jammer dat dat andere spel, waar ze zoveel mee hadden gespeeld, al verkocht was.

“Eens DC Fix meebrengen” zei ik tegen Luc die me bekeek of ik daar in die pure blauwe hemel stevig stond te vloeken. Ik weet niet hoe hij zelfklevende kaftfolie noemde. Bij ons is dat DC Fix, al dacht ik dat het eerder décéfix zou geschreven worden. Het is geen Frans, het is gewoon een naam.

We hebben thuis Cluedo gespeeld, met ons twee maar elk met twee personages, zodat ik Luc kon bijbrengen wat de bedoeling was want eigenlijk kende hij het spel niet.

Jammer genoeg, ziet hij het nog altijd niet zitten, zelfs niet met een mooi opgelapte doos.

Een handel in het groot

Die kruisbeelden waren niet de enige nalatenschap die we vonden toen we het huis kochten.

Aan onze gevel hangt namelijk een kapelleke. Jawel, het hangt er nog. En dat kapelleke heeft ook een verhaal. Vele huizen hier in de buurt hebben identiek hetzelfde kapelleke aan de gevel: ofwel opgehangen ofwel ingemetst.

Blijkbaar was er hier vroeger een pastoor die de kapellekes in grote getale had meegebracht van ergens en ze aan de parochianen had uitgedeeld. Of dat gratis was gegaan of niet heb ik nooit gevraagd.

Al meerdere keren heb ik het kapelleke willen weghalen. Maar dan bedenk ik me weer omdat de actie die we moeten ondernemen het net precies die belangrijkheid zou geven die ik er niet -meer- wil aan geven. En dus blijft het hangen.

Misschien is die opkoper er wel in geïnteresseerd?

Het kruiske uit Rome

Het was een gewoonte. Er hing in elk huis wel een kruisbeeld of zelfs meer dan één.

Ik had een koperen dat ik kreeg bij mijn plechtige communie.

En toen begon het een beetje te gaan zoals met de boeken. Ik kreeg kruisbeelden van hen die ze niet wilden ophangen maar ze ook niet wilden weggooien. Ik moest ze als vliegen van me afslaan en dat deed ik. Ik had al zo goed als in elke plaats een kruisbeeld hangen of staan.

Toen we naar hier verhuisden waren hier ook alle kruisbeelden blijven hangen. Die waren echt wel bewust niet meegenomen. Ik haalde ze van de muur, legde ze in de gang in een doos en toen belde de moeder van de vroegere eigenaar. Ze moest iets afgeven of weet ik veel. Ze zag de doos, griste nijdig een witstenen kruisje uit de doos en siste: “Das van de klaan heur kommune!” en ze bekeek me alsof ik het me onrechtmatig had toegeëigend.

Daarna heb ik alle kruisbeelden samen op de zolder opgeborgen. De eerste keer dat we ze meenamen naar de rommelmarkt vielen ze onmiddellijk in de smaak, de man stak ze in een zak, nam het grootste en gebruikte dat als handvat. Waarschijnlijk hadden we er te weinig voor gevraagd, want zo katholiek zag hij er nu ook niet uit, eerder een beetje opkoper om er later winst uit te slaan.

Maar als ik zeg dat ik alle kruisbeelden op zolder opborg dan is dat niet juist. Er is het kruiske -van de foto- en dat is een verhaal op zich. Het mozaïek is stuk en uitgevallen en ik zou niet weten van welk heiligenkleed ze een stukje als relikwie achter dat glaasje hebben gestopt.

Ik kan niet het hele verhaal van het kruiske vertellen, enkel vanaf daar waarop het mijn leven binnenkwam en zelfs dat verhaal is niet blogbaar. Want toen ik het wou schrijven kwamen de vragen, de twijfels of het wel allemaal juist was en of ik het soms niet verkeerd had geïnterpreteerd, te gretig om te accepteren wat mijn herinnering me vertelde.

Ik kreeg het van mijn grootvader en dat zou voldoende moeten zijn om het te houden.

Hello Kittie

Het onderwerp was serieus en ik wou er een foto bij. Ik schreef over het gevaar dat katten lopen bij openstaande kiepramen.

Maar de foto had nog wat voeten in de aarde. Ik wou een pluchen kat, keek eens rond op de rommelmarkt, maar blijkbaar zijn pluchen exemplaren moeilijker te vinden dan echte.

Aan Sloef vragen of hij het eens wou voordoen … Dat nooit!

Ik vond een Hello Kitty, nam er foto’s van, maar vond ze uiteindelijk niet serieus genoeg voor een ernstig onderwerp.

Ik kocht de rosse kater. Naar verluidt zou die kunnen dansen als we daar batterijtjes in steken. Maar ik wou geen dansende kater, ik wou een hangende kater.

Na afloop van de fotosessie zou ik hem wel weer op de rommelmarkt verkopen -zo dacht ik- maar de rosse kater dacht er anders over en nestelde zich op het kattenkussen dat Sloef weigert te gebruiken.

Wie was daar nu uiterst ontevreden over? Hello Kitty natuurlijk.

“Mijn witte pels had vuil kunnen worden” snoof ze nuffig.

Een fotoshoot is bedoeld om faam te verwerven”miauwde ze kattig.

“Ik schrijf er wel een logje over” beloofde ik.

“Hello Kitty! Mijn kont op het internet” spon ze van genoegen.


Voor mezelf uitgemaakt

Ik vertelde al wat ik vind over huwelijksaanzoeken met publiek.

Bij één of ander voorval, zou er weer een huwelijksaanzoek volgen en dat wist ik. Waarom ik er was doet nu niets ter zake.

Wat er wel toe doet is, dat op zeker ogenblik, een jongedame kirde -ik kan het echt niet anders noemen- hoe romantisch dit allemaal was.

Ik ga niet lopen kirren als ik van het tegenovergestelde overtuigd ben en gaf dan ook mijn hierboven aangehaalde mening.

Oh, wat bekeek ze me boosaardig. Oh, wat dierf ik nu te zeggen? Kortaf zei ze dat iedereen dat voor zichzelf moet uitmaken.

Ik gaf haar gelijk. Ik zei haar dat ik voor mezelf had uitgemaakt dat ik er een grondige hekel aan heb gebruikt te worden en dat dat precies is wat ze doen. Ze gebruiken een ander als toeschouwer van hun leven en daar bedank ik voor.

Ik heb gelukkig, nog aan toe, zélf een leven.

Ineens was er geen sprake meer van dat iedereen voor zichzelf moest uitmaken. De omstaanders moesten dat maar begrijpen, was haar mening terwijl ze opstond en ander gezelschap zocht.

Lijkenpikkerij?

Toen in een aflevering van “Vive le Vélo” Karl Vannieuwkerke aan Dimitri Verhulst en Koen Mortier vroeg of de film “Engel”, naar de novelle “Monoloog van iemand die het gewoon was tegen zichzelf te praten” van eerstgenoemde geen lijkenpikkerij1 was, aangezien er overeenkomsten waren met het leven van een bekend wielrenner, dacht ik ineens dat de hele journalistiek eigenlijk onder die noemer kon vallen.

Hoe dikwijls ergerde het me reeds dat ze onder het mom van journalistiek -in mijn ogen dan toch- over de schreef gingen. Het aantal keren dat Philippe Gilbert over dat muurtje vloog leek -weeral in mijn ogen dan toch- op de ouderwetse plaat die bleef hangen. Journalistiek zou volstaan met het vermelden van het feit en het vertonen van de opname, één keer, niet repetitief.

(Lees verder onder de foto)

Journalistiek is ook niet het filmen van iemand die onder grote emotie geen woord gezegd krijgt. Dat is geen nieuws, dat is schending van de persoonlijke zone.

De man in het geel
Geschonden zijn emoties
Sensatiezuchtend

[© ms – 29 juli 2018]

1 Sporza – url: https://sporza.be/nl/2018/07/25/bekijk-de-volledige-aflevering-van-vive-le-velo-met-dimitri-ver/

Ondanks het vliegengaas …

… volgden de vliegen de warmte zaterdag naar binnen.

  • Of ze glipten met ons mee telkens we buiten gingen en binnen kwamen.
  • Of ze kropen door de kier onder de achterdeur.
  • Wie weet dat? Wie weet welke truken van de foor die beesten gebruiken.

… ben ik al alle dagen door een mug gebeten, al zie of hoor ik ze niet. Er zit nu wel een muggenapparaatje in het stopcontact op de slaapkamer, maar ik weet ook niet of het daar wel gebeurd is.

Ik loop zo af en toe eens buiten ook.

De warmte

Ik herinner me de zomers van weleer. Als kind liepen we in het Park van Aalst en stopten telkens bij de bron om onze oorlelletjes nat te maken. Dat was verfrissend.

Over die fameuze zomer van 1976 had ik het al. Ik herinner me de warmte, maar niet op die manier. Ik herinner me de warmte die me bezorgd maakte over een jongetje van vier maanden oud.

Later was er wel eens een koele zomer, ik werkte halftijds en moest de hele zomer lang een sweater aan om te gaan werken.

De laatste jaren waren ze wel warm. In 2014 lastten we nog een wandeling aan Hadrian’s wall af omdat het ondoenlijk was.

Toen we de warmtepompen lieten plaatsen, zagen we af van de subsidie die we konden krijgen als we de koelelementen lieten uitschakelen. Zijn we nu blij dat we dat niet deden.

Op de eerste dag van de hittegolf ging op de slaapkamer voor de eerste keer de airco aan tot we naar bed gingen. Luc vond het te warm, maar wou toch niet de ganse nacht de airco aan laten. Hij sliep zonder (beddegoed) maar ik sliep mèt.

Alle voorgaande zomers ten spijt, dit vind ik een warme zomer. In vergelijking met die van 1976? Ik weet het niet maar in de krant1 roepen ze op om foto’s en herinneringen te delen van de nog tropischer zomer van 1976.

Zoals gezegd, ik was erbij en maakte hem mee. Er werd toen zoveel komaf niet over gemaakt. Ach ja, er was geen internet, je werd niet elk moment van de dag om de oren geslagen met vermeldingen over hoe warm het wel was. Dat kwam pas ‘s avonds in het nieuws. Dat was het toen: “nieuws”. Nu is het aanhoudende aaneenschakeling van verkondigingen over records en weersverwachtingen.

Hoe ik er tegenover sta? Het is zomer, we konden zoiets wel verwachten.

1 Het Nieuwsblad

De kleren maken de man niet

Ik was erg verbaasd, toen Karl Vannieuwkerke op 22 juli tegen Bram Tankink, analist – opvolger van de vorige begon over wat grapjasserij op Twitter over het hemd dat Bram Tankink de vorige dag, op 21 juli zou aan gehad hebben.

“Wat voor een hemd had Bram Tankink gisteren aan?” vroeg ik Luc, want ik herinnerde me daar niets van, al had ik die aflevering wel gezien. “Ik zou het niet weten” zei Luc “iets met bloemen1, dacht hij.

Waarom had ik nu dat hemd niet gezien? Omdat ik naar zijn mond keek? Hij spreekt ten slotte met een Nederlands accent. Maar eigenlijk besef ik dat ik dat de laatste tijd bij iedereen doe, niet dat ik aan liplezen doe, maar het helpt wel.

Ik keek ook naar zijn ogen, want ik herinner me wel een zekere blik na een gemaakte opmerking die de normaal vrolijk lachende Nederlander ineens bloedserieus maakte. Daar had ik wel een bedenking bij, maar ja, ik zit niet op Twitter om er daar een opmerking over te maken.

Had ik nu het artikel niet gelezen over het kleedje dat niet was wat het leek2, had ik niet meer aan Bram Tankink -en zeker niet aan zijn hemd- gedacht.

Het was het perfecte zomerjurkje, tot haar dochter (na jaren) opmerkte dat de print helemaal niet onschuldig was.

En dat moest direct op internet. Ik stel me dan voor dat iemand me het plezier afpakt van iets dat ik graag draag. Gewoon voor een korte tijdspanne faam op internet er voor zorgen dat dat favoriete kleedje ineens goed is om schotelvodden van te maken.

Ik weet dat ik raar ben, maar ik vind iemand eerder interessant -of niet- om wat hij vertelt -of niet, dan omwille van de kleren die hij/zij draagt.


Iets voor Twitter?

1 Sporza – url: https://sporza.be/nl/2018/07/20/bekijk-de-volledige-aflevering-van-vive-le-velo-met-ine-beyen-e/

2 Het Nieuwsblad

15 augustus halfweg oogst?

Dat met deze hete zomer alles vroeger rijp en oogstklaar zou zijn, was te verwachten.

Het is ook zo met de peren. Dat wisten ze deze week al te vertellen1.

De paloxen staan al wachtensklaar, dat hebben we zelf ook wel al gezien.

En waar ze normaal eind augustus aan de perenpluk beginnen, zou dat nu dan al op de dag na halfoogst zijn.

1 Het Laatste Nieuws

Page 2 of 979

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén