Wizzewasjes

Dubbel gebubbeld

Page 2 of 1052

Manken en hinken

“Bosanemonen!” zei Luc. “Ik weet waar er ook bosanemonen staan … in het Heibos”. Ja, dat is waar, maar er staan er ook in Nieuwenhoven. Maar Nieuwenhoven is te parkachtig en daardoor te druk bezocht.

(Lees verder onder de foto)

Er staan er nog wel op andere locaties ook maar ja, het Heibos, dat had nog een pluspunt. Want de laatste keer, vorige maand, hadden we daar zeker een 20-tal reeën de bosweg zien oversteken maar dat was wat tegengevallen omdat er vier andere wandelaars die reeën ook hadden gezien en bleven kijken en wij, corona in het achterhoofd, daar niet wilden bij gaan staan.

Aangezien ook “Dwars door Vlaanderen” aangestipt stond op de agenda vertrokken we gisterenmorgen na het ontbijt, haalden een pakje af, passeerden bij de appel- en perenboer en gingen wandelen …

Het pad lag er oneffen bij. Dat was veroorzaakt door meerdere passages van een galopperend paar of door de passage van de voltallige “Wild Bunch1“.

Heel voorzichtig, goed uitkijkend waar ik liep, stapke voor stapke, zette ik mijn voeten neer toen Luc met een sissend geluid mijn aandacht trok.

Het was niet luid maar wel te luid. Ik zag ze vertrekken. Twee reeën. Eén van beide hinkte. De foto’s waren noppes, wazig en toonden enkel nog de witte vlagjes van hun Q.

We veranderden het parcours een beetje zodat de lus sneller terug aan de andere zijde van dat stuk terugliep. Ik hield het stuk rechts in de gaten want het stuk links was afgespannen met spandraad. Gelukkig waren daar geen paarden gepasseerd en lag de bosweg er effen bij.

En Luc siste weer. Ze stonden links natuurlijk. Maar deze keer liepen ze niet weg. Ze vonden de vluchtafstand waarschijnlijk meer dan voldoende. Ik nam foto’s door de bomen, verwenste af en toe het fototoestel dat zich scherp ging stellen op in de weg lopende takken, maar uiteindelijk ben ik toch blij met wat ik wel heb.

En gelieve mij nu te excuseren, ik ga googelen op camouflagenetten, want om dat meer mee te maken wil ik wel eens de wekker zetten. Liefst zonder hinken natuurlijk.


Meer foto’s

1 Wikipedia

Het lege

We deden sowieso al niet zo veel, we waren sowieso al wat aan de luie kant en wat afstandelijk. Toen kwam corona. En niet veel werd nog veel minder.

Als ik daar nu over nadenk en kijk naar de lege agenda, die wél vol staat als ik op “wandelingen” klik, vraag ik me af waarom een mens toch altijd iets te doen wil hebben.

Wij wandelen graag én veel maar als er een stok achter de deur komt te staan … dan is de leute er snel af.

Dus, waarom wil een mens altijd iets te doen hebben?

Een leeuw, bijvoorbeeld, heeft dat probleem niet. De leeuwin zet zich recht, doet een wedstrijdje hardlopen, vangt één en ander, sleept het menu naar huis, de familie doet zich tegoed en gaat dan liggen verteren. Wat doen ze nog? Een verplaatsing naar de lokale plas. Daarna gaan ze weer over tot wereldbeschouwing. Dat er af en toe nog eens gepaard moet worden kan men zien aan het jong geweld.

Het moet daarom niet altijd een leeuw zijn. Een kikker blijft in zijn poel. Een pad gaat dan wel op pad maar steekt liefst enkel de straat over. Maar geen van die beesten krijgt het in zijn kop om maar eens op reis te gaan, de wereld te gaan verkennen of in groep te gaan staan hossen op bambammuziek.

Waarom doen wij dat wel? Waarom kunnen wij niet rustig thuis zitten, af en toe een efforke doen om proviand te vangen in de frigo en ons naar de lokale waterkraan begeven en daarna rustig de wereld in beschouwing nemen en overdenken en filosoferen.

De vogels in de tuin, die zijn wel bezig. Die zijn zelfs erg druk bezig. Maar die bouwen dan weer elk jaar een nieuw huis. Een idee voor een Belg? Niet toch. Het staat hier zo al vol gebouwd.

Op stap schuifel

Hopend op een snelle beterschap met het oog op de komende voorjaarsbloeiers en bijhorende wandelingen hield ik secuur de berichten over bosanemonen in Bertembos in het oog.

Bertembos is blijkbaar niet voor ons bedoeld. Telkens we het op de planning zetten, komt er iets tussen. Ik voorzag het al. Het zou weer niets worden. Die lies zou niet op tijd genezen zijn.

“Nu je het toch over de voorjaarsbloeiers hebt” begon Luc die dag dat ik er over blogde “hoe zit het eigenlijk met die rode in Meldertbos? Of is dat geen voorjaarsbloeier?”

Vergeten waren bosanemonen. Ik hoorde rode kelkzwammetjes uit al hun kelen kwelen: “Kom snel, kom snel, of je bent te laat”. Enig opzoeken in de oudere logs leerde me dat we er de twee vorige jaren keren praktisch dag op dag op hetzelfde moment waren. Vorig jaar was het sowieso noppes.

Maar … wat met dat been? Een toertje Meldertbos is mààr 2km. Maar niemand verplichtte me het toertje te doen. Ik kon sneller terugkeren. Maar die rooi zwammekes staan dan wél helemaal achterin. Dus keer het en draai het zoals je wil, het zou toch een tweetal kilometers worden, wou ik ze zien. En dat wou ik …

Langzaam aan schuifelde ik over het bospad, voorzichtig hield ik de linkerkant van het schabouwelijke knuppelpad, de modder was verwaarloosbaar maar ik ging er toch niet zo gezwind door als anders.

We waren 820m ver toen we beslisten op onze stappen terug te keren. We kennen de rest van de wandeling. Die gaat deels door een weide. En hoe die ondergrond zou zijn, daar hadden we het raden naar. En risico’s wou ik niet nemen.

Al bij al stond er 1.820m op de Runtastic en voelde ik toch niet zo direct nadelige gevolgen in mijn heup.

Opdracht volbracht? Natuurlijk wel. Behalve de rode kelkzwam kwamen we nog wel ander moois tegen. Bosanemonen met hopen. Bertembos kan wel nog een jaartje wachten. De Europese hoornaar is een toemaatje. Ach ja, het beest liet ons gerust, ik mocht hem op de foto zetten en iedereen was content.

Of ik nog content ga zijn als ik straks opsta is nog even afwachten hoe die lies gaat reageren.


Meer foto’s

Het krentenbrood

“Zouden we zelf geen krentenbrood kunnen bakken” vroeg Luc zich af en keek rond bij Aveve bij de broodmixen.

Op de zak van het rozijnenbrood stond een hele resem ingrediënten die hij nog moest toevoegen en daar begint Luc niet aan. Een mix is een mix met alles erop en eraan.

Dus vroeg hij het aan de uitbater. Die raadde aan de briochemix te nemen, dan moest Luc enkel nog de rozijnen toevoegen.

Weet je wat? Ik zou zo zeggen dat ik geen ander rozijnenbrood meer wil, de rozijnenbollen van de Aldi wel nog, maar wat is dat brood lekker!

Voor het geval dat …

Ik lust geen melk. En al lust ik dan wel melkchocolade, ik lust ook geen chocomelk.

De kleindochters drinken wel chocomelk. Als de kleindochters kwamen logeren was er chocomelk in voorraad. Nu de kleindochters al een jaar niet komen logeren vraagt Luc af en toe om eens een brik mee te brengen.

Laatst, bij het bakken van de gemarmerde cake had ik een recept met zwarte chocolade en een recept met cacaopoeder. Ik kocht zwarte chocolade. Ik kocht cacaopoeder, de gedachte ergens in de rare kronkel in mijn hoofd negerend. Die rare hersenkronkel vroeg zich namelijk af wat we met een hele bus cacaopoeder zouden doen mocht het gebak tegenvallen.

“Dat is niks” zei Luc en maakte zich prompt een zjat chocomelk.

De dag nadat de nieuwe verstrengingen werden afgekondigd gingen we naar een Kringwinkel. Ik zoek nog steeds frutselgereedschap en nog zo één en ander en je weet maar nooit wanneer we er nog eens de kans toe krijgen.

En daar zag ik ze. De gedachte: “voor als Amke en Ella komen” was er sneller dan het besef dat het nog voor de eerste tijd niet zal zijn.

En toch, en toch, twijfel de twijfel de twijfel … En toch, ineens uit een zwaar nostalgisch maar toch hoopvol gevoel belandden ze in mijn winkelmandje.

We zijn dan niet met vijf, maar daar kan die ene sukkelaar ook niet aan doen.

Gewaagd en gedurfd

“Angst van paniekshoppers wordt werkelijkheid: er dreigt een tekort aan toiletpapier1” kopt Het Nieuwsblad. “Hebben hamsteraars dan toch gelijk? Er dreigt wereldwijd tekort aan toiletpapier2” zegt Het Laatste Nieuws.

De oorzaak? Een dwarsligger in het Suezkanaal. De oorzaak van die dwarsligging zou een combinatie zijn van stevige westenwind, snelheid en oevereffecten vertelde professor Evert Lataire3 aan Het Nieuwsblad. Terwijl de uitleg op Het Laatste Nieuws een andere oorzaak laat vermoeden4.

Resultaat? Wij, die nooit hamsteren, maar sedert die eerste lockdown hamsterwoede altijd een reservepak wc-papier in voorraad hebben, hebben nu twee extra pakken wc-papier in voorraad. Alhoewel we dat ook niet zeker weten want die eerste keer viel Zoneke compleet zonder en konden we niet delen omdat we in ons respectievelijk kot moesten blijven. Dat zou nu, in geval van hoge nood, wel kunnen.

Het was niet de enige overbodige luxe die ik meebracht. Baskuul zal ook tevreden zijn …

1 Het Nieuwsblad
2 Het Laatste Nieuws
3 Het Nieuwsblad
4 Het Laatste Nieuws

Crashende apps

En dan nu het volgende log over een niemendal.

Het was geen vrijdag en het was niet de dertiende, maar vorige dinsdag de 23ste. Die morgen vielen één voor één mijn apps op de telefoon uit.

Er was een storing bij Telenet wist Luc, maar wij hebben geen Telenet. Later las ik over een storing bij Scarlet. Wij hebben ook geen Scarlet. Er was echt niks dat die uitvallende apps kon verklaren.

Ondertussen was ik al druk aan het zoeken geweest hoe het op te lossen was. Want Lucs telefoon deed het, de apps er op ook, dus moest de oorzaak wel bij mijn toestel te zoeken zijn. Ik probeerde alle oplossingen, maar het hielp niet. Er bleven er nog twee over: alle caches legen of de telefoon resetten naar de standaardinstellingen.

Dat laatste is zeker geen optie dus heb ik de caches maar geleegd. Dat wil zeggen overal opnieuw inloggen, maar van mijn puzzels was ik nu ook alles kwijt. Op zich is dat niet ernstig, alleen moet je voor die fameuze wereldreis van mij wel telkens een land volledig doen eer het volgende van slot gaat. Dat wil zeggen dat ik nu kan opgeven of herbeginnen. En ik zat juist in Duitsland, het voorlaatste land.

Niet prettig maar wat moet, moet.

En dan later leest Luc een kop in het Nieuwsblad die zegt: “Google lost probleem crashende Android-apps op1“.

Dat is zo een beetje als je in je gezicht staan uitlachen.

Met alles wat er nu onder ons is en rond ons gebeurt is dit maar een onnozele futiliteit, maar toch …

1 Het Nieuwsblad

De vroege voorjaarsbloeiers

Al enkele jaren op rij maakten we wandelingen naar de voorjaarsbloeiers. We hielden de bloeitijden goed in het oog.

Vorig jaar stak corona stokken in de wielen. Dit jaar dreigt een pijnlijke lies dat ook te doen … voor de eerste bloeiers dan toch.

Vorige maandag besloten we eens niet de gewone weg naar huis te nemen, kwestie om niet in het schoolverkeer te zitten en we zagen …

“Fototoestel niet bij zeker?” vroeg Luc die ook al weet dat we enkel mooie dingen zien als ik het niet bij me heb.

We gingen gisteren terug. Het is dan geen echte wandeling, het is dan niet zo gekend. Maar ik ben blij dat ik ze zag én fotografeerde. Er stonden er wel meer maar het was privaat eigendom dus hielden we ons aan de rand.

Wie weet doet een volgende kans zich nog voor? En zo ja, wanneer?

De meteropname

“We zijn wéér gegijzeld” riep Luc uit toen hij vorige maandag met het papier de woonplaats binnenstapte. “Morgen van 9u tot 16u kunnen we weer zitten wachten” foetert hij verder. “Die van de elektriciteit komen de meter opnemen” vervolledigt hij.

Hij steekt me het papier in de handen en met één oogopslag …

“Je moet er niet voor thuisblijven hoor” zeg ik, al waren we helemaal niet zinnens om ook maar één poot buiten de deur te zetten.

We moesten gewoon de tellerstand op de achterzijde van het formulier noteren en dat op een goed zichtbare plaats -voor een venster- hangen zodat iemand van de maatschappij die zou kunnen aflezen.

“Hij is nog maar pas weg” zei Luc “als hij de straat uitrijdt kan ik hem misschien onderscheppen”.

Gelukkig las ik op dat ogenblik de melding dat persoonlijk contact niet kon noch mocht.

Luc heeft dat niet alleen. Soms kan ik ook zo hard verschieten dat de letterkes voor mijn ogen gaan staan dansen.

Nog iemand?

Weet wat je hoort

In coronatijden moet je niet smossen met logideeën, zeker niet als je door een opspelende lies aan huis en gaard gebonden zit. Dan moet je van elke mogelijke inspiratie gebruikmaken, welke oorsprong ze ook mag hebben. Zo kan een terloopse opmerking al even inspirerend zijn als een nacht vol rare dromen. Deze kwam via een reactie bij vorig log.

Sedert het begin van de lockdown viel het al meer voor, het viel op en we hielden het wat in de gaten. Van tijd tot tijd lopen er nmelijk kerels rond die de gevels van de huizen bestuderen, meer bepaald die van ons huis. We dachten: “lockdown” en we dachten: “minder werk” en we dachten “potentiële klanten zoeken”.

We hoorden het wel al meer van buitenlandse ondernemers die aanbellen om één of ander klusje te doen. Meestal met negatieve gevolgen. Maar ze belden nooit. Ze bestudeerden alleen maar. Ook voor het huis van Buurboer zaliger was er veel interesse.

Er werd nooit aangebeld, we vonden nooit een bericht of brief in de bus.

Eind van de vorige week draait een fietser in volle snelheid de hoek om, remt bruusk, stopt vlak voor onze voordeur waar nu ineens door afwezigheid van onze auto, plaats genoeg is om te staan … ja wat? Dralen? Hij bestudeert de gevel van onder tot boven, van boven tot onder, draait zich met zijn rug naar het huis, tokkelt op zijn gsm, draait zich om, bestudeert de gevel van onder tot boven, van boven tot onder, van links naar rechts … Zoekt hij een straatnaam? Wie kan dat zeggen?

Hij draait zich terug om en begint opnieuw als begeesterd op die gsm te tokkelen. Hij kijkt rond, kijkt de straat af of er niemand komt, kijkt de andere richting uit of er niemand komt, kijkt terug de eerste richting uit, zich vergewissend dat er echt niemand komt.

Geloof me, ik ging dat raar vinden. En dan ineens na een hele tijd dralen en staan draaien springt hij zomaar op zijn fiets en vertrekt.

Ik hoor slecht, dat vertelde ik al. Ik hoor dingen die er niet zijn, dat vertelde ik ook al. Ik vertelde ook al dat nachtelijke geluiden mij geen angst aanjagen zolang Luc niet reageert. Maar Lucs gehoor is ook niet meer wat het geweest is, al wil hij dat niet geweten hebben.

Soms speelt Tinnitus het kraken van de houten planken na. Soms wiggelt hij met de deurklink. Soms opent hij blijkbaar zelfs de deur. Of hij loopt over de zolder. Je weet niet wat Tinnitus allemaal uitsteekt ‘s nachts in plaats van te slapen of zich in stilte bezig te houden tot ik ontwaak.

De avond na de verdachte fietsershistorie, ga ik naar bed. Luc ligt er al in, hij heeft niet zoveel werk aan het aftuigen en oplappen … ik denk een seconde na, zeg tegen het bed: “Nah! Dat is voor die fietser” terwijl ik de sleutel van de slaapkamerdeur om draai.

Bang? Neen. Wil Tinnitus bal houden is er geen vuiltje aan de lucht. Maar ik zal het verschil wel horen met ene die stiekem op de kamer wil geraken.

Ga ik dat nu elke avond doen? Maar neen, gij. Enkel bij verhoogd risico.

Page 2 of 1052

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén