Wizzewasjes

Het is niet omdat het mag … dat het moet!

Tag: U.K. – Arran (Page 10 of 11)

Het huizeke in het bos

Op onze wandeling naar Loch Garbad zagen we toch een opmerkelijke wegwijzer. Op 200 m van die tweesprong, midden in het bos, zou er een library zijn.

Daar moesten we toch meer van weten.

We kwamen bij een boshuizeke. De deur stond open en we liepen binnen. Tegen één wand stonden inderdaad wat boeken en er lagen wat informatiefolders.

Verder was de ganse hut behangen met nota’s en briefjes van mensen, voornamelijk kinderen, die er langsgekomen waren.

Ook stond er tegen één van de wanden een collectebus. Zomaar. En weet je, op Arran vonden we dat helemaal niet abnormaal.

Vraatzuchtige beesten

Als je naar Schotland gaat, neem je iets tegen de muggen mee. Ja? Ja! Je gaat wandelen en je vergeet dat op te spuiten. Dat is niet slim.

Nu dat deed ik dus de drie eerste dagen en ik had enkel beten ter hoogte van de rand van mijn sokken. Dat vond ik straf.

Toen we echter meer tussen de bomen en onder de bladeren en naast de watertjes gingen wandelen, gebruikte ik dat middel wel.

Luc, de stoere, pakte zijn rugzak op zijn rug en wou zo vertrekken. Ik zei: “zo niet hoor manneke” en ik gaf hem het tweede fleske muggenproduct. Hij spoot het op zijn armen, alleen vanboven uiteraard.

’s Avonds kloeg hij over beten, op de onderzijde uiteraard. Dat was precies een maanlandschap.

Een shit-historie

Ze liepen met twee langs de kustlijn te joggen. Zij had een oranje t-shirt aan, hij ook maar dan fluo. Zij had de hond aan de lijn, hij had het zakske kak in zijn hand.

De hond en de lijn joepten op het ritme van haar looppas. Het zakske kak op dat van hem.

In den hof van Brodick Castle

Ik vroeg me af waarom de bordjes: “Please keep your dog on a lead” op ooghoogte van honden geplaatst waren, terwijl het toch de baasjes zijn die ze moeten lezen.

Een kwestie van populariteit

Bij de Tour de France zie je overal geschreven gescandeerde namen staan.

Wat bizar is, is dat ginder ganse straten vol stonden geschilderd met Lucs naam.

Dat moet al langer geverfd zijn, in de tijd namelijk dat ik hem nog niet Luc noemde maar Slow en dat ondanks het feit wij heel stillekes hebben gezwegen over onze vakantie daar.

Losjes en nonchalant

Er moet toch een eleganter alternatief zijn dan een wit t-shirt van Luc en een vormloze broek om je op je gemak op een wildvreemde zetel te gooien, die tijdelijk je thuis is.

Een slaapkleed? Neen hoor!

Een huisjurk misschien?

Eindelijk Arran

Toen de regen stopte boven de Firth of Clyde, liepen we naar de voorsteven van de ferry en zagen Arran uit de mist te voorschijn komen. De Goatfell bleef mysterieus in nevelen gehuld, ook nog toen we in Brodick de ferry afreden.

“Zaterdagweer” zei de dame van ons appartement en ze wees naar de grijze lucht.

Er zijn dingen genoeg te beleven op Arran zodat je er niet genoodzaakt bent in de regen te lopen als je dat niet wil.

We verheugden ons toen we lazen dat de Glenashdale Falls op hun mooiste zijn na hevige regenval. Dat konden we beamen toen we er ’s maandags waren.

Het weer was ons welgezind. De grote hitte was er niet en ook de regen hield zich koest, donderdag namiddag uitgezonderd. Toen ging het pas over rond 17u. Dus hebben we daarna maar een avondwandeling gemaakt.

En op zaterdag toen we vertrokken, had de Goatfell zich in nevelen gehuld. “Zaterdagweer” zei de dame van ons appartement, dat het onze niet meer was.

En wat met Arran? Toen ik boekte hadden we geen auto en was een appartement voor een ganse week een ideale oplossing.

Toen we het traject uitstippelden, heb ik even gedacht dat we misschien beter door Schotland waren gereden en elke nacht elders hadden overnacht. Ik had Loch Ness ook willen zien, maar dat lag nog kilometers verder.

We hadden Noorwegen of Ijsland al genoemd voor een eventuele volgende vakantie, maar die plannen veegden we al snel van de tafel. Volgende vakantie zouden we gewoon een ander deel van Schotland aandoen, inclusief Loch Ness.

Niks van!

Op de ferry die ons van het eiland wegbracht beslisten we al dat we volgende vakantie terug naar Arran gaan, inclusief hetzelfde appartement indien mogelijk. Arran heeft zoveel te bieden, zoveel dat we het in een week nog niet half hebben gezien ondanks dat we er erg actieve dagen opzitten hebben.

Mogelijk nemen we dan wel de ferry naar Hull. We hebben nog tijd genoeg om dat te beslissen.

Over de muur

We hebben ’s morgens zo snel mogelijk onze biezen gepakt, daar in dat kot in Manchester, hebben onderweg ontbeten en gingen op zoek naar Hadrian.

We hadden, zoals gezegd, geboekt in Carlisle. In die streek zie je overal de bordjes met “Hadrian’s wall”.

De planning was dat we daar eens een wandelingske van een kilometer of tien zouden doen. Maar het was die dag zo warm, zo snikheet dat we het wandelen er aan gaven en Hadrian zelf maar met een gewoon bezoek vereerden.

Die warmte zorgde er ook voor dat ik daar ’s avonds in Carlisle een winkel binnenliep om er een paar shirtjes zonder mouwen bij te halen. Ik had er drie bij me en we waren al drie dagen onderweg. “Durf je wedden dat het morgen niet meer warm is” zei ik tegen Luc. Hij wedt nooit.

’s Anderendaags kon ik inderdaad een shirt met mouwen verdragen, het was gevoelig koeler en in Ardrossan begon het zelfs te druppelen.

Gelukkig konden we met een vroegere ferry mee en toen we door die grote gapende mond reden, regende het pijpenstelen.

De fratsen van Murphy

Zoals gezegd, hadden we het in Avebury zo erg naar onze zin gehad dat we er wat langer bleven dan gepland. Het weer was heerlijk, het dorp gezellig, de stenen imponerend.

Het biertje in de “The Red Lion” had verfrissend gesmaakt en we hadden met volle teugen genoten en besloten dat dat dorpke ons nog eens terug zou zien.

Maar we zaten met die boeking in dat hotel in Manchester en dus startten we de auto en zegden tegen Den Tom dat we geen tol zouden betalen. Ja, ik weet het, op zulke ogenblikken biedt een smartphone een oplossing, want dan kan je opzoeken waar het schoentje wringt en hoeveel het allemaal zou kosten. Maar smartphones zijn aan ons niet besteed. Wisten we veel dat Murphy in die auto tussen de bagage geritst was …

We reden dus niet langs de M6 maar langs A-wegen die er dan wel uitzien als autosnelwegen maar het niet zijn, gezien de vele rotondes, zoals gezegd, tot Lucs grote jolijt. Ze zagen er dan wel niet allemaal uit zoals onderstaande maar ze mochten tellen.

En toen ontwaakte Murphy uit zijn schoonheidsslaapje. Daar ergens in de buurt van Swindon zouden we tanken en daarvoor moest je van die A-weg af, niet zoals op de grote verkeersaders afslaan voor de services, maar echt er af.

De auto sloeberde van de dorst en ik wou zijn gelag betalen, maar dat machientje accepteerde mijn kaart niet, ook de tweede niet, de derde ook al niet. We betaalden cash en reden met enkele nikkelkes in onze pocket verder.

Kan je indenken dat ik, stresskieken dat ik ben, daar niet graag bij was.

Niet dat we onvoorbereid vertrokken waren. Ik had mijn bank gebeld en gezegd dat ik ponden wou. Maar blijkbaar was dat niet nodig want in de U.K. kan je overal met Maestro betalen. Jààà, dat zag ik.

We hadden zelfs op google zitten zoeken, wat we altijd doen als we iets nieuw willen uitproberen. Nergens werd melding gemaakt van eventuele problemen met Europese bankkaarten.

Omdat ik, gelukkig, mijn voorgevoelens niet de mond snoer, die komen namelijk meestal uit, had ik toch op de ferry een bedrag eurokes in ponden gewisseld. We hadden dus wel meer geld bij dan we hier gewoonlijk op zak hebben, maar toch minder dan ik eigenlijk gewild had.

Ik zag het zwart in. De eerste dag van onze vakantie, het ritje Calais telde ik niet mee, en dan al zoiets meemaken, ik vond het niet om lachen en belde mijn bank. Daar beweerden ze dat dat abnormaal was. Dat kon niet. We moesten elders proberen, ik moest niet panikeren, dat kwam wel goed.

We stopten aan het volgende servicestation, je weet wel, de A-weg af, en omdat ik niet meer geambeteerd met die kaarten wou staan draaien, legden we eerst de situatie uit. Neen, Maestro werd niet geaccepteerd. Maar ik kon het eens vragen in het hotel. Die zou wel raad weten.

Ja, die wist raad. Maar eerst had ze het over Maestro. Dat was, volgens de dame, helemaal geen goed systeem en in de U.K. vond je dat haast nergens. Ze vond het wel erg dat mijn bank zoiets had durven aanraden … maar, we konden op hoop leven. Als we de volgende afrit namen, konden we, na drie rotondes en een boel kilometers verder, bij een Tesco geld uit de muur halen. Die hadden àlles, dus ook Maestro.

Tja, dat deden we dan maar. Stel dat dat hotel in Manchester ook geen Maestro had. Ondertussen had onze bank al teruggebeld om te zien hoe de zaak ervoor stond. Ze verzekerde me nogmaals dat er absoluut geen rede was voor paniek.

Aan die Tesco kwam er geld uit de muur. Ik werd ineens hebberig en heb er maar ineens een serieuze smak geld uitgehaald.

We hebben daarna overal met onze kaarten kunnen betalen. Ik denk dat ze daar ergens rond Swindon nog in het pre-Maestro tijdperk leven.

Calais

We waren die woensdag al naar Calais gereden, al hadden we de ferry maar geboekt voor donderdag morgen. Maar ik houd al niet van vroeg opstaan en dus zeker tijdens de vakantie niet.

Voor wie nu denkt dat ik een reisrelaas ga schrijven … neen hoor. Luc houdt zich momenteel bezig met het sorteren van alle opnames. Als de film klaar is komt die op het blog en die beelden spreken voor zich.

Ik vertel dus enkel de zaken die niet op die film konden voor één of andere reden of voorvalletjes of bedenkingen.

Calais dus. We hadden het stadje wat verkend en waren een armoedig geklede man tegen gekomen. Hij liep daar wat te slenteren. Niet zoals een toerist dat zou doen, maar zo wat verloren.

We gingen daarna rustig wat eten en we wilden ook nog naar de terminal wandelen. Onderweg zagen we de man weer. Opeens doken er nog twee mannen op en ze maakten een praatje met de eerste. Hoe naïef kan ik toch zijn. Ik dacht dat de eerste de beide andere aan de ferry gaan opwachten was.

Pas later toen we nog groepjes van drie of vier mannen zagen slenteren en dat we hele groepen mannen in het gras zagen zitten, daagde het me.

Die mensen hangen daar rond die haven rond in de hoop op één van die vrachtwagens naar de U.K. te geraken. Na het vertrek van die ferry dropen ze af.

De volgende morgen liepen ze weer bij die haven en bij het inchecken kregen wij een papier dat we aan onze spiegel moesten hangen waar in het groot een “2” opgedrukt stond om aan te geven dat in onze auto maar twee personen zaten.

Page 10 of 11

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén