En dan kan het gebeuren dat er een vrouw in de Colruyt rondloopt die moeite moet doen om in stilte te zingen, want luidop zou écht té gek zijn, maar ze hoort de muziek in haar hoofd: “lover, lover, lover, lover, lover, lover, lover come back to me” terwijl ze naar het brood loopt, het brood snijdt en oplet dat ze niet gaat staan dansen aan dat broodmachien want thuis achter haar pc doet ze dat wel.
En dan loopt ze naar de fijnkost en zingt in stilte: “lover, lover, lover, lover, lover, lover, lover come back to me” terwijl ze die grote man die daar aan de salami staat eens vastpakt en het haar niet kan schelen of er anderen toekijken of niet.
En in de gang naar de bananen is niemand en daar waagt ze zich inderdaad aan een paar danspasjes voor ze de zoete aardappel pakt.
Aan de kassa gekomen, staat daar een jonge medewerker die ze nog nooit hadden gezien en hij, de man, zegt iets over de originele naam, wat zij niet goed verstaat want echt goed horen doet ze niet, en dan weegt de jongen de appels en valt de zak haast om in de kar en zij die snel grijpt en zegt: “dàt was op het nippertje”. De jongen kijkt wat eigenaardig en ze zegt: “Niet aantrekken, wij zijn babbelaars”.
En dan, maar het kon niet beter, staat hij ineens met die bananen in zijn ene hand en de verpakking in zijn andere wat beteuterd te kijken. En dan flapt ze er zo maar uit: “Ohjee, volgende keer komen we niet meer bij “Originele naam”, die doet alle verpakkingen open”. Hij kijkt al wat minder beteuterd, maar ze zegt toch, ten overvloede: “Ja jong, ik moet hier wel iemand pesten want thuis … en ze wijst op de grote man naast haar “die is te groot voor mij”. Hij glimlacht.
En als ze afrekenen zegt zij: “eens kijken of het wel juist is”, waarop hij echt lachend antwoordt: “ik heb er het pesten wel bij gerekend.”
Blijkbaar heeft ze luider gesproken dan ze dacht, want de jonge dame aan de andere kassa probeert haar lachen in te houden en de klant naast hen staat ook te lachen en die lacht ook nog als ze hem buiten kruisen als hij zijn kar wil wegbrengen.
“Ik zal toch beginnen plezier krijgen in het naar de Colruyt komen” denkt ze: voor ze al “lover, lover, lover, lover, lover, lover, lover come back to me”-zingend de kar wegbrengt.

