Wizzewasjes

Te lezen en te zien

Categorie: Zalige zaken, zever & zorgen (Page 1 of 884)

Van afhaalrestaurant tot schuif-maar-aan

Het raadsel van de blijkbaar vraatzuchtige meeskes met een lintworm heeft zich opgelost.

Waar ze eerst eten kwamen halen, doken ze ineens gisteren met heel het kroost op, zo een stuk of zes jongen, schat ik. Ze waren jammer genoeg niet te vinden voor een volledige familiefoto.

Het zijn al zeker niet die die wilden nestelen, dat waren pimpelmezen en dit zijn koolmezen.

Maar gisteren leek toch wel een beetje goed te maken dat ze uiteindelijk verkozen van elders te gaan wonen.


Meer foto’s.

Zelfdiagnose is uit den boze!

Het duurde lang -ik heb te veel geduld- maar uiteindelijk werd ik het beu. Ik maakte een afspraak bij K.N.O. en vertelde het verhaal van het kastje en de muur. Ik kreeg een medicijn -op voorschrift- in afwachting dat ik een scan van mijn sinussen kon laten nemen. Daarna mocht ik terug naar K.N.O.

Ik heb dus niets, helemaal niets! Maar ik zit wel geplaagd met een tand die trekt tot aan mijn haargrens, niesbuien, mist in mijn hoofd, jeuk in mijn oren, na het eten moet ik meermaals constant mijn keel schrapen, tinnitus, …, allemaal tekenen die wijzen op die sinussen. En dan is er dat Exploding Head Syndrome ook nog.

Hebben die pilletjes -die wél hielpen- die scan nu beïnvloed? Het zijn pillen -enkel op voorschrift te verkrijgen- tegen hooikoorts al heb ik dan geen hooikoorts noch allergie. Ze helpen goed, maar ik kreeg ze niet meer: “We gaan eerst eens kijken of het niet wegblijft hé mevrouw”. Maar na één dag zonder pillen zat de hele santekraam weer muurvast.

En dan blijkt dat de hooikoorts die ik niet heb ook op het humeur gaat werken. Dat had ik ook al gezegd bij het nemen van die pillekes, dat ik me precies opgewekter voelde.

Terug naar K.N.O? Ik denk het niet. Zo een doosje is voor een maand en dan moet ik elke maand naar de kliniek? Ik ben niet gek, ik ben niet paranoia. Er scheelt iets en zij kunnen het niet verhelpen. Een visite bij een specialist is ten slotte ook niet gratis.

En dan is er dat ander probleem, waarvoor ik zogezegd naar een psycholoog zou moeten, want het zou tussen mijn oren zitten.

Of? Wat ik ook kan doen is op water en brood gaan leven op voorwaarde dat er zich niks in dat brood bevindt dat een ietske meer is dan graan en/of water. Zo werd het niet gesteld, maar die lijst die hij me meegaf liet niet veel andere opties open.

Ik hield het zaakske dan maar zélf in het oog en ik denk/hoop dat ik er uit ben. Maar als ik dan bedenk wat ik de laatste twee jaar allemaal heb gelaten omdat ik verdenkingen koesterde: ik at geen vers goed meer: geen tomaten noch sla, geen appels noch peren meer, ik at geen kaas, … Ik ging zelfs zo ver dat ik het kraantjeswater verdacht.

Zelf dokteren? Ik ben er tegen. Maar als je niet geholpen wordt … Ze dwingen een mens ertoe.

Geen hotel maar een restaurant

Het is hier de laatste dagen een drukte van belang. Er wordt aangeschoven aan het buffet: de meesjes en de houtduiven zijn niet de enige passanten.

Er komen nu ook meerdere keren daags kwikstaarten, vinken en een paar van onbestemd allooi de voederbakjes plunderen.

Komen wonen is een ander paar mouwen. De meesjes hebben het nest weer in de steek gelaten, de merels en de houtduiven zitten ergens achter de muur in de klimop en waar de andere bezoekers plots vandaan komen is een raadsel.

Luc heeft een ingenieuze constructie gemaakt om onze eetgrage gasten beter in de gaten te kunnen houden zonder dat we ze opschrikken.

Waar de steel van een oude mop al niet goed voor is.

Het gevogelte

Omwille van alle foto’s die ik ooit miste omdat ik het fototoestel niet bij de hand had, gaat dat eigenste fototoestel nu zelfs -op mijn schoot- mee naar de Colruyt.

Je weet nooit wat je onderweg tegenkomt, zeker niet als Luc besluit langs de Staakweg te rijden.

Of nog, als we beslissen ergens naartoe te rijden omdat ik daar een bepaald iets op foto wil vastleggen. Dat bepaald iets bleef wel stilzitten, -liggen en/of -staan.

Maar ineens was er weer ene.

En ja, de vorige keer zat er zo ene op een staak ergens vooraan in een fruitgaard en lag het fototoestel achter tussen Amke en Ella in en kwam er een achtervolger die haast in onze koffer zat en kon Luc niet stoppen en kon ik enkel inwendig ik zou niet weten wie of wat entwat verwensen omwille van de verkeerde omstandigheden.

Maar deze, die heb ik wel.

Je ziet ze hier wel meer, meestal hoog in de lucht en in volle vlucht kan je niet echt kenmerken herkennen. Ik vroeg me dus al lang af wat ik nu zag: een buizerd of een kiekendief.

Nu ik hem dan dichterbij kon fotograferen, was hij toch gemaskerd zeker! Nu ja, na wat zoeken op internet ga ik ervan uit dat het een Bruine Kiekendief is.

En niemand die het verkoopt

Endorfine is ver zoek en moeilijk aan te maken. Geloof me maar.

De laatste tijd draait het niet mooi rond, op sommige dagen draait het zelfs vierkant.

Zondag 13 mei was geen prettige dag.

Bloemen kopen, als oppepper, lukte niet.

De wandeling van dinsdag bracht ook al geen soelaas: 1km door het groen, daarna 3km over een saai recht betonnen fietspad, waar fietsers denken dat zij met drie naast elkaar mogen en dat jij de netels in moet.

De ijskar die je na die 3km zag staan, leek wel wat. Alleen reed hij weg toen je er nog 10m van verwijderd was.

Voor sommige dingen die ze aanraden om endorfine aan te maken, moet je eigenlijk al een hoop endorfine in voorraad hebben. Als knorpot begin je er niet aan.

Vrolijk worden van de geur van een appelsien? Niet als diezelfde appelsien je eerst een spuit sap in je oog gespoten heeft.

Blijft over: alcohol drinken. Van dat straf wil ik al lang niet meer. Van pils word ik korzelig. Een Grimbergen of een Lindemans zou kunnen, maar zit daar genoeg endorfine in om de volgende ochtend welgemoed uit bed te springen? Ik denk het niet.

De foto hier onder is het enige dat ik op die verknoeide wandeling de moeite waard vond om te fotograferen … en zelfs daar staan netels bij.

Bloemen voor de mesthoop

“Vandaag breng ik bloemen mee van de Colruyt” dacht ik toen ik mijn bloemenloze woonplaats bekeek.

In de Colruyt stonden echter alleen maar tulpen. Tulpen vind ik nu echt geen fijne bloemen. Meer nog, ik heb een complete afkeer tegenover tulpen. Vraag me niet waarom, ik kan er geen antwoord op geven. Te gecultiveerd? Te braaf? Te stijf? …

Daarna liep ik door de Carrefour. De bloemen van moederdag stonden er afgeprijsd. Ze hadden 9.99€ gekost en nu kon je ze kopen voor 2,99€. Ik nam een tuiltje mee maar koos wel eentje uit waar de bloemen nog niet slap gingen hangen.

Dat tuiltje heeft het niet gehaald, het is niet uit de Carrefour geraakt. De kassier rekende 9,99€ aan en toen wij zegden dat er een pak afging, wees hij ostentatief op het etiket en zei, op een toon als wees hij oplichters terecht: “hier staat 9,99€”.

“Hou ze maar” zei ik, denkende dat die bloemen uiteindelijk toch op de mesthoop terecht zullen komen, maar dan zonder dat er iemand plezier had aan beleefd.


Opvelp – 17 juni 2017.

Op hun sloffen

Bloggen is niet gemakkelijk, geloof me maar.

Zegt Luc ergens vorige week dat, na de blauwe vergeet-me-nietjes er nu ook roze stonden, dan wel niet in de bak maar dat ze er onder uit kwamen.

Dan vergeet je daar naar te kijken en dat ondanks hun naam, sta je uiteindelijk op je sloffen in de regen foto’s te maken en dan zien die miniatuurblommekes er op de foto wit uit.

Gelukkig stond er nog een roze exemplaar tussen de blauwe in de bak.

Ne mens zou nog aan zijn eigen gaan twijfelen.


Oorzaak onbekend

Meestal als men zegt dat iemand:

  • een stuk in zijn erwten -of kraag- heeft;
  • geen dorst meer heeft;
  • straalbezopen is;
  • er ene te veel op heeft;
  • te diep in het glas heeft gekeken;
  • vul maar aan …

weet men dat als die iemand:

  • met een dubbele tong spreekt;
  • lalt;
  • onnozele praat vertelt;
  • zich moet vasthouden aan een lantaarnpaal;
  • of een boom kan ook;
  • van links naar rechts zwalpt;
  • zigzagt als hij met de auto is …

Daarom zouden we nu geredelijkerwijze moeten besluiten dat de veroorzaker van volgend beeld …

(Lees verder onder de foto)

Rechtdoor gaan op een rotonde … het is eens iets anders.

De man en het pijntje

De derde -ook laatste- dag van ons verblijf stootte Luc zijn hoofd aan de dampkap, wat ons niet verhinderde om verder te pakken en daarna via de Barrage de la Gileppe huiswaarts te keren …

(Lees verder onder de foto)


Meer foto’s.

… waar hij zich pas op Ons Heer Hemelvaart de vraag stelde of hij dat niet beter zou ontsmetten en dat dan ook fluks ging doen om even daarna terug te verschijnen met een rode bol op zijn hoofd geschilderd …

(Lees verder onder de foto)

… wat ons niet verhinderd heeft om toch de twee kleine wandelingetjes te maken die op de planning stonden.

Gelukkig had hij zijn wandelhoed op tegen een rode bol door de zon.


Meer foto’s.

De grote vogels

Het was warm, daarom zouden we een boswandeling gaan maken.

We waren ooit al eens maar toen verdachten we Julia ervan de kilometers fout te hebben doorgegeven.

We deden de wandeling opnieuw dus en het ging vlot, zo vlot dat Luc onderweg voorstelde om maar even een ommetje te maken naar de kapel.

En toen liep het pad, dat we iets meer dan twee jaar geleden hadden genomen, ineens dood. Rechtsomkeer dan maar, dik tegen de zin.

Even later zat er een grote vogel -denkelijk een reiger- in het bos, maar Luc zag hem eerst waarop hij mijn aandacht trok, ik me omdraaide om hem dan naar voor zien te wijzen en te horen mompelen: “zie nu, nu vliegt hij op”, waarop ik me fluks omdraaide en afdrukte. Dat was te zien aan de foto’s. De reiger? Mits enige bewerking kon je hem zien, jà. Maar een foto kon je het echt niet noemen.

En terwijl we bij het vertrek nogal veel bergop hadden, hadden we nu natuurlijk bergaf. Weet je dat kilometers en kilometers (in dit geval twee) aan één stuk door bergaf meer pijn doet dan bergop? Amaai, ons kuiten.

En toen was de wandeling ineens geslaagd. Op het ogenblik dat ik hem zag, wist ik, daar moet ik een foto van hebben. Op zulk moment zou ik mijn fototoestel wel willen ruilen voor zo een groot kanon, waarmee je haarscherp en dichtbij kan fotograferen. Maar dat zou ik dan weer nooit meenemen om te wandelen omdat het veel te groot, te onhandig en te zwaar is.

Maar toch! Op slag konden mijn kuiten bijna huppelen, al was het toen al terug bergop.

Eens in ons tijdelijk verblijf moest ik eerst nog even googelen om te weten dat ik een rode wouw had gezien. WOW!


Meer foto’s.

Page 1 of 884

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén

%d bloggers liken dit: