Wizzewasjes

Dubbel gebubbeld

Categorie: Zalige zaken, zever & zorgen (Page 1 of 816)

Over winteren en overwinteren

Eeuwen geleden was er de man die op pensioen ging, in zijn zetel ging zitten, met zijn voeten in een elektrische voetenwarmer op een bankje en de hele dag TV ging kijken. “Nu ben ik oud” zei hij.

Ik zwoor dat ik het nooit zo zou willen. Ik zou doende blijven.

“Denk je dat?” vroeg corona en trok een streep door de rekening.

We zijn in winterslaap, staan wel op om te ontbijten, kijken een film op de TV, gaan middageten, kijken een film op de TV, gaan avondeten, kijken naar Witse op de TV, daarna kijken we een film op de TV en we gaan slapen.

Is dat zo? Niet echt. Maar zo voelt het wel aan.

Gelukkig maar begint er nu de periode met al de kerstfilms, we gaan weten wat doen.

Donderdag

In een tijd van lang geleden was het op donderdag lievekesdag. Dat wou zeggen dat op donderdag de jongen bij het meisje te vrijen kon gaan.

Veel vrijen zal er ook niet aan te pas gekomen zijn, met de schrik voor hel en vroegtijdig nakomelingschap bleef de moeder wel altijd in de buurt. In die tijd vrijde de moeder mee.

Dat dat soms ook fout kon gaan bleek uit het verhaal van het trouwen van moetes bij het koppel dat het had geflikt terwijl moeder boven de vensters gaan dichtdoen was.

Het was niet zoals nu, dat je naschools met liefkes kon afspreken. Na het werk trouwens ook niet. Je werd thuis verwacht voor de soep en de patatten.

Het bestond in mijn tijd ook nog al begon het bij sommigen thuis al wat losser te worden.

Nu het allemaal zo los is zijn er misschien mensen die gaan twijfelen of ik niet luidop aan het dromen ben, maar neen, donderdag lievekesdag was wel degelijk écht.

Solidair zijn is een griepvaccin

Wat is dat nu met de griepvaccinatie?

Eerst, een paar jaar geleden, zet de dokter me haast het mes op de keel met de woorden dat ik me moest laten vaccineren om Luc te beschermen.

Nu klinkt het heel anders. Als je je goed voelt zouden ze willen dat je die spuit laat voor wat hij is zodat ze diegenen die het meer nodig hebben kunnen inenten.

Dan vraag ik me af:

Hebben ze er nu te weinig gefabriceerd?

Of zijn wij de andere jaren gewoon steekvlees om de overproductie weg te werken zodat de farmaceutische sector geen verlies zou lijden?

Grensoverschrijdend gedrag

Wat lees ik nu weer? Om van achterover te vallen, ware het niet dat ik bij het lezen nog in bed lag.

Inderdaad, ik overloop de kranten al bij het ontwaken in bed. Eens beneden begint Luc te vertellen, die mens heeft me dan ook al de ganse nacht niet gezien en bovendien heeft hij dan honger en wil ontbijten.

Soit. Om van achterover te vallen is het nieuws dat veel Belgen de grens over trekken om hun haar te laten doen1, zelfs van uit Neerijse alstemblieft.

Mijn eerste gedacht? Ze gaan nog wat rondhossen en op die manier mogelijk nog wat blinde passagiers van hot naar her verspreiden.

Tweede gedacht? Is dat nu écht het belangrijkste op dit ogenblik? Dat hun haar goed zit?

Ik weet niet wat voor soort mensen wij zijn, maar wie dit blog volgde weet dat kappers en ik geen goede combinatie vormen. Ik trok dan ook, nu bijna twee jaar geleden, voor de laatste keer de kappersdeur achter me dicht.

Nu is het lang en ik steek het op. En eerlijk? Dat bevalt me uiteindelijk beter.

Luc dan? Moet die niet naar de kapper? Toen Lucs kapper op pensioen ging, heb ik twee keer zijn haar geknipt … met de daver op mijn lijf omdat ik bang was dat het fout zou gaan. Het groeit dan wel bij, maar toch. In die tijd deden we de evenementen nog. Hij is dan een paar bij mijn toenmalige kapper geweest maar dat beviel ons geen van beiden. Ons haar werd kort, te kort, bijna zoals met een tondeuse zonder hulpstukken.

Sedert ons pensioen doe ik nu ook Lucs haar, nu met de tondeuse maar met een hulpstuk op een bepaalde stand. Het moet echt geen broske zijn.

Soms vergaten we het zodat hij er weer als een apostel ging uitzien. Nu staat de privé kappersafspraak in de agenda: elke maand op de eerste met een herinnering.

En wij zijn alle twee content … dat ons leven niet bepaalt wordt door de stijl van ons haar.

1 Het Nieuwsblad

Iets om te vertellen …

Ik vertelde het hier al: ik drink ‘s ochtends eerst en vooral een hele liter water. Dat doe ik omdat ik mezelf ooit moest aanwennen om voldoende te drinken.

Ik vertelde het hier ook al: onze eetplaats is door de manier van bouwen van vroeger wel degelijk de koudste plaats in huis. Dat is zelfs zo erg dat we, telkens iets voor we gaan eten, de verwarming er tijdelijk hoger gaan zetten. De hele dag zo warm? We zouden ons arm stoken, al stoken we niet.

Ik vertelde ook al: ik heb snel last van een bevroren brein. En als ik zeg ‘snel’, dan bedoel ik echt: ‘heel erg snel’.

Wat hebben die drie nu met elkaar gemeen?

De liter water die ik ‘s avonds al tap zodat hij bij het ontbijt gewoon in de eetplaats op mij staat te wachten, of beter, stond te wachten, was te koud, veel te koud. Ik krijg namelijk een bevroren brein van dat water. Overdrijf ik? Neen, dat doe ik niet. Echt niet.

Dat vertelde ik hier, blijkt nu ook al. Dat wist ik niet meer. Is dat nu een achteruitgang in de bovenkamer of is het daar boven al gedeeltelijk ingevroren?

Maar ik zit nu al zover en vertel dus maar gewoon verder: ik heb dat deze keer anders opgelost. Nu staat sedert een week ongeveer de liter water ‘s nachts in de woonplaats te wachten tot ‘s morgens … naast de anderhalve liter bruis die ik ‘s avonds na het avondeten nog soldaat maak.

Vandaar waarschijnlijk ook dat ik geen frigo-gekoelde dranken wil en bij een drankgelegenheidsbezoek bestel met de vermelding: “zonder ijs” … ook in volle zomer.

Whatsappen …

In lockdown en tijden waarin niets te vertellen en niks te beleven valt.

  • Alles goed? Hier niks te vertellen.
  • Hier niks te beleven. Alles goed!
  • Dat is goed nieuws want het is geen slecht.
  • Houd contact met anderen, zeggen ze dan.

    Enig en uniek

    Ik ga naar de Colruyt en denk: “Foert, ik trek mijn jeans niet aan, mijn trainingsbroek is nieuw en met mijn botjes met een hieltje eronder ziet dat toch niemand niet”.

    Zo gedacht, zo gedaan.

    Sta ik in die Colruyt mijn toespijs in te laden, komt er een koppel achter mij door, heeft die ene mens -de man mag ik niet meer zeggen zeker?- toch dezelfde trainingsbroek aan als de mijne. Gelukkig had hij die mens geen botjes met hielen aan.

    Nooit meer! Maar dan ook nooit meer!

    Over een hebbelijkheid gesproken. Ik kan het dus niet hebben dat iemand hetzelfde aanheeft als ik. Kom ik op een feestje of wat dan ook en iemand draagt dezelfde kledij … ik zou zo naar huis gaan.

    Vroeger maakte ik daarom mijn kleren zelf. Vroeger wou ik daarom ook nooit een jeans aan, het leek wel een uniform. Van een jeans heb ik nu geen last meer. Met een smaller geworden derrière heb ik dan ook minder problemen met mijn glasbakgedachten.

    Het ambeteerde me deze keer niet meer zo erg als vroeger, het was tenslotte maar een training maar echt hé … nooit meer ga ik met mijn lamzakkleren naar de Colruyt.

    De passie

    Toen ik overdacht wat ik nu het meeste miste in tijden van corona, dacht ik eerst aan het spontane.

    Maar laatst stond ik op en dacht dat er toch nog wat anders ontbrak. Er is geen passie meer. En ga nu niet onmiddellijk de verkeerde denkpiste op!

    Ik heb het wel degelijk over de passie die ik had voor de dingen die ik deed in het algemeen. Voor zover ik me herinner heb ik alles in mijn leven met een zekere passie gedaan, zowel de vroegere hobby’s, als mijn jobs, als mijn zaak, als de evenementen en ja, nu ook de boekenmarkten.

    En dat is weggevallen. ‘s Morgens wakker worden met een compleet lege dag vóór je is rustgevend, maar ik ga niet beginnen met boeken- en/of rommelmarkten regelen die misschien het eerste jaar niet meer gaan plaatsvinden. Blijft over …

    Een nieuwe passie zoeken om thuis te doen. En neen, kuisen is geen optie.

    Google en liedjes herkennen

    Een pooske terug las ik dat Google niet alleen maar liedjes herkent als je de app bij de muziek zelf houdt, maar ook als je het onbekende nummer zelf neuriet1.

    Na al die jaren vraag ik me nog steeds af welk het oorspronkelijk nummer was van het lied dat ik mijn grootmoeder hoorde zingen.

    Ik opende Google en neuriede: mmm mmm mmm mmmmmm mmm mmm, mmm mmm mmm mmm mmm mmm, mmm mmm mmm mmm mmm mmm mmm-mmm-m mmm mmm, mmm mmm mmm mmm mmm mmm.

    Bedroevend! Méér dan … Dat ik niet kan zingen, ik weet het. Dat ik geen toon kan houden, ik weet het. Dat ik niet kan neuriën, gaat dat ding me toch niet onder mijn neus wrijven zeker?

    Of is het een onbekend lieke? Zo één van die levensliederen uit het genre dat vroeger nogal geliefd was, over zeemannen die niet terugkwamen en moeders die dood gingen bij het kopen van een kind.

    Ik probeerde nog eens. Iets dat Google zéker moest kennen. Ik neuriede opnieuw: mmm/mmm/mmm/mmm/mm … m m m mmm/mmm/mmm/mmm/mm … mmm/mmm/mmm/mmmmmmmmmm/mmmm …

    “Guantanamera” zei Google.

    Ik was gerustgesteld. Mijn neuricapaciteiten zijn zo slecht nog niet.
     

    Laatste info – bijgewerkt:

    Ik heb nog maar wat wat zitten googelen en vond.

    En wat in 2006 nog niet op internet stond, vond ik er nu wel: een hele uitleg over oorsprong en verder verloop van het lied².

     
    1 Het Nieuwsblad
    2 Wreed en Plezant

    Vaccineren of niet

    Het coronavirus kwam, zag en overwon … nog niet. Al voert het een hevige strijd.

    Al van in den beginne was er sprake van de zoektocht naar een vaccin dat ze, eens het er was, eerst aan de meest kwetsbaren gingen toedienen.

    Dat ze daar steeds 65-plussers bij de kwetsbaren noemden stoorde me in die mate dat ik niet zeker was of ik zo een spiksplinternieuw vaccin wel in mijn corpus wou. Het risico op nevenverschijnselen was, volgens mijn onkundige brein ter zake, veel te groot. En blijkbaar sta ik daar niet alleen in1.

    Nu dat vaccin er -zo goed als- is, trekken ze de hele zaak in twijfel, want is het toch niet beter om die ouw te laten wachten² en dat vaccin eerst aan de ongeduldigaards die de regels niet volgden te geven, want die arme schapen weten toch zo van die afzondering en ze krijgen daar mentale problemen van.

    Die ouw zijn waarschijnlijk van ijzer, die kunnen daar tegen. Ze gaan alleen maar dood aan een virus dat zij niet eens zelf geschapen hebben en waar ze geen zier schuld aan hebben want ze zaten al opgesloten … of ‘t scheelt niet veel.

    Die ouw zijn ook een jaar kwijt en ze hebben er al niet zoveel meer, terwijl die jonge feestgangers nog een heel leven voor de boeg hebben.

    Dat ze daar nu weer de 65-plussers bij die ouw noemen stoort me in die mate dat ik niet zeker ben of ik dat -mogelijk niet zo nieuw maar aangepast- vaccin al dan niet wel of niet in mijn corpus wil.

    Ziede, bepaalde 65-plussers vinden nog altijd dat ze het recht hebben om het zelf uit te maken.

    Al ben ik van mening dat ze eerst de zorg, de politie, eventuele andere publieke functies én mensen met een aandoening moeten voorzien, zou ik wel in september naar Slovenië willen.

    1 Het Nieuwsblad
    2 Het Nieuwsblad

    Page 1 of 816

    Powered by WordPress & Theme by Anders Norén