We hadden al een paar dagen gemerkt. Het werd druk aan de voedersilo, zeer druk.
Er zaten altijd minstens 2 mezen en soms wel drie. Soms ging dat wel goed, maar het gebeurde vaker dat er twee de derde verjoegen.
Er zitten hier dus veel mezen ondertussen. Niet verwonderlijk eigenlijk, wetende dat er hier een poos geleden heel wat jongen gevoederd werden.
“We zullen moeten uitbreiden” zei Luc en ik maakte me al een voorstelling van een tweede silo die onder de ander zou komen te hangen.
En toen kwamen de mussen ook in grote getale terug van weggeweest. Of zou de buurman gestopt zijn met voederen?
Een mens ziet toch nog altijd heel wat bedrijvigheid, zelfs bij het rustig aan doen.

