En dan schrikt Luc, ergens de voorbije week, op en zegt: “Die kerstmarkt van Eupen, die is in het weekend al”. En ja, dat is de kerstmarkt waar we al twee keer waren, samen met Kleindochter. En Kleindochter is een beetje fan van kerstmarkten. Dus, ik vreesde, want de blok zit er aan te komen.
Maar ze stelt me gerust. De blok is er nog niet. We kunnen. Maar dit weekend was er ook, zowel vrijdag, zaterdag als zondag Winterlanden, waar we ook wel eens langs wilden en vandaag is er boekenmarkt.
“Vrijdag dan maar” besluiten we. We gaan Kleindochter halen, vragen nog maar eens aan Kleindochter (de jongere) “echt niet?” “Echt niet!” zegt ze. We wéten het, maar ik vind dat we niet kunnen nalaten om het toch telkens maar eens te vragen.
De kerstmarkt in Eupen, ach ja, een kerstmarkt op Duitse wijze, niet al te groot en gezellig. Alleen zat het er in de barak een beetje te vol, hebben we er wel iets gegeten maar niet gedronken.
Onderweg naar huis vind ik dat jammer. Kleindochter had zin gehad in warme chocomelk en ik in een Glühwein en ineens stelt Luc voor: “Winterlanden?” waarop we beiden enthousiast: “Ja!” zeggen. Dus nemen we in Landen de afrit en gaan gewoon iets drinken in Winterlanden, waarna we nog anderhalf uur auto voor de boeg hebben om Kleindochter naar huis te brengen. En vergeet het babbelke ter plaatse niet.
We kwamen laat thuis, dat wel. Maar het was zo gezellig geweest dat Luc en ik besloten om gisteren nog maar even onze neus te gaan laten zien bij Winterlanden.
Vanavond zou ik ook wel willen, maar dat lukt echt niet meer nà de boekenmarkt. Op stap gaan? Het smaakt naar nog.








