Wizzewasjes

Het is niet omdat het mag … dat het moet!

Categorie: Boeken en schrijvers (Page 1 of 11)

De Edgar Allan Poe Proester

Te beginnen met Laura Lippman. Ik las de laatste tijd wel al enkele boeken van Laura Lippman. Wat me opviel was dat ze flirt met de realiteit maar toch fictie schrijft, wat inhoudt dat ze een bestaand gegeven neemt en daar een boek rond weeft, wél telkens met achteraf de nodige duiding, zodat goedgelovigen niet verkeerdelijk de verkeerde conclusies zouden trekken.

Ik zuchtte toen ik de eerste keer een boek met haar standaard detective “Tess Monaghan” in handen kreeg en dacht: “Niet weer!” want schrijvers hebben nogal de neiging om die detectives een beetje als gemakkelijkheidsoplossing te gaan zien. Niet dus.

De laatste die ik van haar vond, ben ik nu als eerste aan het lezen. Want -aha- die is gebaseerd op het verhaal rond de Edgar Allan Poe Prooster.

En al las ik ooit lang geleden rond mijn achttiende, het volledig oeuvre van Edgar Allan Poe, over de Prooster wist ik niks.

Dat moest ik toch even gaan opzoeken.

Soms ben ik zo onnadenkend dat het de grens van het dwaze bijna overschrijdt, want wat ging ik doen? Ik zocht de -wenselijke- vertaling van “de Edgar Allan Poe Prooster”. Ik vond “The Edgar Allan Poe Toaster”. Was Prooster toch geen naam maar gewoon al een vertaling van “toaster” zeker!

Lachen mag, dat deed ik ook nadat ik drie keer tegen mijn kop geslagen heb en alles daar binnen terug op zijn plaats leek te vallen.

Verstrooid noemden ze dat in de school. Onnadenkend en automatisch reageren noem ik dat.

Achteraf maak ik me een bedenking en vraag me af waarom ze, in het boek, het Amerikaanse “toaster” als “prooster” vertalen terwijl het letterlijke “tooster” toch meer voor de hand liggend is.

Die Edgar Allan Poe prooster tooster heeft dus bestaan. Jarenlang heeft iemand in de nacht voor 19 januari, verjaardag van Poe, met een fles cognac een toost staan uitbrengen aan de cenotaaf van Edgar Allan Poe, heeft de fles achtergelaten en ook drie rozen.

Waarom ik Laura Lippman nogal graag lees? Ze maakt me telkens zo benieuwd dat ik het ga uitzoeken.

En dan kan ik nu verder lezen in het verhaal dat zij rond de man, de cognac en de rozen spon.

Taal is zeg maar echt mijn ding

Toen ik een afbeelding zocht voor mijn log over moderne taal, dacht ik ineens aan de twee boekjes.

Omdat ik het zo vaak over taal in het algemeen en het verschil tussen Nederlands en Vlaams wel een beetje een stokpaardje werd, kreeg ik eens een boekje in handen geduwd. “Dat is iets voor jou” zegden ze. Ik geloofde ze en kocht het.

Toen ik het las was ik erg verbaasd, de schrijfster had het over dingen die ik al eerder op het blog had geschreven. Maar ach ja, toeval is een eigenaardig beestje en de ene blogt er over, de andere schrijft een boek.

Maar toch stak het wat, niet om het voorgaande, maar om wat anderen misschien zouden denken, dat het ík was die plagieerde, en ik besloot het wat minder over taal te gaan hebben.

Ondertussen vond ik in de Kringwinkel de opvolger van het eerste boekje en volledigheidshalve heb ik het ook meegebracht.

Ik kan het niet helpen, ik bekijk beide boekjes altijd een beetje scheef.



In goed gezelschap

Net als je beslist dat je een week in quarantaine gaat, is er rustdag in de Tour de France, is er sedert lange tijd geen koers in de namiddag, is de televisie leeg, is het elf juli én Vlaamse feestdag en brengt de postbode enkel het folderke van de Makro.

Gelukkig is er Herbjørg Wassmo1.

____________________
1 Herbjørg Wassmo

De koekjesclub

Waarom trok het mijn aandacht? Ik weet het zo niet. De boeken stonden in een boekenkast met schuiven. En in die schuiven lagen nog boeken en om één of andere rede pakte ik dat boek er uit. Normaal gezien zou mijn geest onmiddellijk het visuele aspect omzetten in “gemakkelijk romanneke”. Maar dat deed hij niet. Last van een slapende geest?

(Lees verder onder de foto)

De achterflap leerde me dat het eigenlijk verhalen van vrouwen betrof, over dingen die vrouwen bezig houden. En ik nam het mee. Voor de prijs moest ik het niet laten. En zinde het me niet kon het wel naar de boeken- en/of rommelmarkt, afhankelijk van het al dan niet lage romangehalte.

Het boek is een blijver. Het is een beetje overdreven in de verhaallijnen -op zijn Amerikaans dan- maar al bij al heb ik het in één ruk -eigenlijk een tweetal- uitgelezen.

De recepten van de koekjes die er in staan, staan genoteerd in mijn Google Drive in het mapje: “Nog te maken”.

Mo Hayder

Ik las een boek. Niet dat dat eigenaardig is, ik las er al zo veel. Maar sedert corona had ik daar blijkbaar wel een probleem mee. Ik was te snel afgeleid, ik verzonk niet in een boek, ging er niet in mee en ze gingen me meestal tegen.

In de doos die van bij Bollie kwam, zat ook “Ritueel” van Mo Hayder1. Ik kneep ze wel een beetje toen ik las dat haar boeken wel gekenmerkt worden door een fascinatie voor gruweldaden1.

En toch begon ik er in. En het was een beetje een verademing. Eens geen ontvoerde jonge vrouwen, geen verkrachtte en vermoordde jonge vrouwen maar wel twee handen op hun eentje. De lugubere feiten werden niet zo expliciet beschreven. Het werd wat aan de eigen inbeelding over gelaten.

Wat ik zei: ik las. Niet in één ruk door, maar met kleine stukjes, altijd een stapje verder. Op een avond stopte ik zelfs omdat ik vermoedde dat wat volgde me wel eens parten kon spelen in mijn dromen.

De volgende ochtend gaf me gelijk. Maar diezelfde namiddag kwam het fiasco. Het verhaal blokkeerde, het klopte niet, het volgde niet … En jawel, de paginanummering sprong van 288 naar 305 en dat zonder merkbare verwijderde bladen. Net toen inspecteur Jack Caffery en ik op een cruciaal punt waren aangekomen? Wat nu? Verder lezen? Een stuk missen en gissen wat er was gebeurd …

We stapten na de wandeling een Kringwinkel binnen, je kon nooit weten dat … hahahaha … noppes natuurlijk.

Ik bracht er wel een ander mee van Mo Hayder: “Gone”. Luguber of niet luguber. Lezen is lezen.

1 Mo Hayder

Nicholas Sparks

De eerste keer -of was dat de tweede- dat ik over Nicholas Sparks hoorde, was toen iedereen zwijmelde over de film: “The Notebook”.

Later, toen ik zowel het boek had gelezen als de film had gezien vond ik er het mijne van. Het boek gaat over een dementerende oudere vrouw waarin verwezen wordt naar vroeger. De film gaat over een vroeger jong koppel waarin verwezen wordt naar een dementerende vrouw in het heden.

De jonge kerel in de film is onuitstaanbaar opdringerig. Dat type man zou bij mij nooit een kans hebben gehad, aangezien mijn “neen” ook “neen” betekent.

Maar soit, blijkbaar is dat het type om over te dromen en bij te zwijmelen, gezien het succes van de Nora Roberts boeken ook.

De tweede keer -of was dat nu de eerste- was toen ik een TV-film “The Wedding” zag waarin trouwbeloften werden hernieuwd en ik me afvroeg waarom dat nodig was. Waren ze van elkaar niet meer zeker?

Trouwbeloften hernieuwen is nu wel ingeburgerd, maar ik vraag me nog steeds af of ze van elkaar niet zeker zijn. Het is zo een beetje als ’s morgens bij het ontbijt zeggen: “vergeet je afspraak van 16u niet”. Komaan hé …

Ik las wel meer boeken van Nicholas Sparks tot de dag dat ze me tegenstonden. Dat zweverige en flirten met de dood ging me niet meer af, al waren er dan wel weer die me wel konden bekoren. Zo is die van de foto er één van, zowel boek als film.

De meeste van mijn boeken van Nicholas Sparks zitten echter in de dozen voor de boekenmarkt.

Nu zijn ze op TV toch begonnen met een reeks Nicholas Sparks-films zeker. Na de zoetsappige Hallmarks krijgen we nu de, lang uitgebreide hopeloze pseudo-romantische, films van Nicholas Sparks à la “Message in a bottle” en “The best of me” in één week tijd.

Het is te veel van het goed(j)e. Ik bedank of …

misschien moet ik in het vervolg eerst maar eens grondig de korte inhoud bestuderen.

Tafel en bed

Het nietsdoen beu, het bakken niet maar overdaad schaadt, besloot ik dat ik, terwijl we toch naar de Colruyt in Sint-Truiden reden om zaken die ze in onze kleinere niet hebben, ik bij de Kringwinkel binnen wou.

Ik wou snuisteren tussen de boeken, tussen de keukenspulletjes, tussen de frulletjes en stofjes, ik wou dat.

En ik bedacht dat, aangezien twee mensen die elkaar niet kennen wel tegelijk in die winkel mogen en dat wij als koppel dat niet mogen terwijl Luc toch andere dingen zoekt dan ik, we beter maar even een uurtje van tafel en bed gescheiden konden zijn, vooral ook omdat we die tafel en dat bed toch niet meenamen.

Ik vond wel één en ander. Ik vond o.a. een deegrol, ik had er wel ene met veel moeite op de kop kunnen tikken, maar deze was gloednieuw en voor een prijske. En je weet nooit of er geen tekort aankomt.

Ik nam ook een boek van Tatiana de Rosnay mee. Natuurlijk heb je in de Kringwinkel niet de meest recente boeken, ik loop dus wat achter wat de boekenactualiteit betreft.

Even later zaten we in de auto elkanders buit te bespreken en we knikten genoeglijk.

Natuurlijk vind je in een Kringwinkel niet alles wat op je verlanglijstje staat. Wat inhoudt dat we nog eens zullen terug moeten, maar dat zal niet voor de eerstkomende dagen zijn.

Efkes over iets anders

Ik heb -zoals gezegd- problemen met lezen momenteel. Ik kan mijn gedachten er niet bij houden. Toch blijf ik het proberen en neus wat tussen de boeken die we nog moeten uitzoeken.

Daar vind ik een boek: “Beroemde zaken van Scotland Yard”, deel 1, door Luc eens meegebracht uit de Kringwinkel … en terzijde gelegd.

Wat lees ik in de eerste zaak, eerste hoofdstuk, eerste alinea?

Ah neen, dat mag niet, want:

      In de eerste aanhaling zou een zin moeten staan die vertelt dat alle passagiers die besmet waren geweest met ziektes uit die tijd in quarantaine moesten tot het gevaar geweken was.
      In de tweede aanhaling zou moeten staan dat ik die eerste niet mocht overnemen omdat ik niks uit het boek -door hen “de uitgave” genoemd- mag verveelvoudigen. En daarom mocht ik die beperking hier natuurlijk ook niet zetten.

Afin, as afleiding kon dat tellen. Ik las het fragment aan Luc voor, sloeg het boek dicht en zo ligt het er nog.

Ik zal het nog wel eens vastpakken … maar of ik het ga lezen?

Vers van de pers

Ergens halfweg tussen toen en nu kwam de mail. Er werd een boek uitgebracht over de “Omloop van de Slagvelden”.

En omdat we toen interesse hadden getoond wilden ze weten of we wilden intekenen. Dat wilden we. Dat deden we. We konden kiezen voor afhaling bij de persvoorstelling op 29 augustus 2020 of we konden het laten opsturen.

We kozen voor de persvoorstelling. Tegen 29 augustus zou corona toch al geweken -of tenminste toch geluwd- zijn. Zo dachten we.

In de aanloop naar 29 augustus kwam de volgende mail. De persvoorstelling werd uitgesteld tot 26 september. Mochten we het alsnog willen laten opsturen …

Dat wilden we niet. Zeker dat we op die fameuze 26ste september in de buurt op vakantie zouden zijn. Waar in de buurt? Zou ik dàt zeggen? Het verleden leerde me dat het geen goed idee is om dat kond te doen en al zeker niet het verblijf te bestoefen.

Uiteindelijk ging ook déze persvoorstelling niet door maar konden we het boek de 26ste gewoon afhalen.

Of we het verblijf zouden kúnnen bestoefen? Heh … dit is een voorgeprogrammeerd log. Als ik dit schrijf, weet zelfs ik dat nog niet.

Het enige wat nog aanpassing vergde was de foto van het boek. Die heb ik er gisteren nog bij geplakt.

De reisgids

Een tweetal weken geleden liep ik in een kringwinkel en zag een reisgids voor Slovenië. Ik nam hem mee.

Waarom nam ik die mee? Dat vraag ik mezelf ook wel af. Ik die nooit reisgidsen gebruik, ik die alles opzoek en uitvlooi met internet. Ik hoef eigenlijk geen reisgids. Ik zoek dan ook geen reisgids.

En dan vraag ik me ook af, als dat zo is waarom ik dan tussen de reisgidsen en toeristische boeken ging kijken.

Vandaag, één jaar geleden zat onze vakantie aan het meer van Bled er zo goed als op en zo ongeveer twee weken daarvoor waren we druk doende met de regelingen voor ons vertrek.

Een vorm van compensatie?

Page 1 of 11

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén