Wizzewasjes

Te lezen en te zien

Categorie: Arran (Page 1 of 10)

De kiekes van de Colruyt

In mijn jonge jaren was kip zondagseten, afgewisseld met biefstuk. Tegen ‘s zondags werd de kip, gebraden en etensklaar, besteld en op zondagvoormiddag werd ze afgehaald. Herinneringen aan veel vroeger heb ik niet meer, ik denk dat mijn moeder ze dan wel zelf bakte.

In elk geval heb ik die gewoonte overgenomen en aangezien die kippenboer enkel op zondag braadde, bleef het ook een zondagsgerecht.

Tot ik zelf haantjes vette, maar dat ging niet goed. Ik vond die helemaal niet zo lekker als de gereed gebraden kiekes die je zo maar in de mond vlogen.

Daarna begon de opkomst van de kippenkramen op de markten en die waren ook weer zo heerlijk lekker. En, wat meer is, ik kon ook enkel billen kopen. Dat wit had ik altijd al wat droog gevonden maar een kiekebil met een kwak compote … daar kon je -letterlijk- duimen en vingers van aflikken.

Omdat we geen markt hadden, kocht ik er een eentje in de Colruyt, ook gebraden en wel. Ik gruwde ervan. Die kip leek niet goed gebakken en ik had de indruk dat ik in het rauwe vlees beet. Ik heb het nog eens geprobeerd met hetzelfde bedroevende resultaat.

Eenmaal we hier woonden konden we ze halen bij ons op de markt of in Sint-Truiden op de markt of in dat kraamke in Hakendover, maar daar moet je voorbijrijden en kijken of het open is.

De laatste keer dat we kiekebillen kochten bij ons op de markt vond Luc ze nogal schraal. Hij had gelijk. Het waren billen van kiekes die oorlogsgebied ontvlucht waren. En Luc bracht een kip van de Colruyt mee. Die viel mee. De volgende viel weer tegen, die daarop? Ik zei: “niet meer!”

Op vakantie wou Luc kippenfilet kopen. Ik keek naar dat witte vlees op dat witte marmer en had de indruk dat ik in de sectieruimte van een mortuarium stond. Dat heb ik nu telkens ik de rauwe stukken kipfilet zie. Ik word misselijk van het gedacht dat ik daar zou moeten in bijten. Dat misselijk gevoel heb ik -gelukkig- niet bij het zien van een naakte kip.

Het was dus een hele poos geleden dat we nog kip aten en Luc had daar zin in. Hij begon over de Colruyt en ik gruwde al op voorhand. We zijn zaterdag dan maar naar Tienen gereden om in Hakendover uit te kijken naar dat kraampje. Het was open.

“2,5€ voor een kiekebil” zei Luc toen hij terug in de auto stapte, maar ze mochten er wel zijn, je kon er een boer van zijn paard mee slaan.

We hebben die wel op zaterdag opgegeten. Voor zondag hadden we biefstuk.

De steen van belang

Ik had in januari had ik dat vreed ambetantig gevoel en dat deed zich een tweetal maanden later opnieuw voor. Ik ging googelen op de symptomen en kwam bij galstenen uit. Dat was op te lossen door volkorenbrood te eten.

De zaterdag vóór onze vakantie kreeg Luc rugpijn, waar ik hem aanraadde meer te drinken.

De maandag vóór onze vakantie was de pijn er weer. Luc ging op dinsdag naar de dokter die hem onmiddellijk naar de radioloog stuurde. Het verdict was niet zo prettig om horen. Luc had een galsteen die er niet zou uitkomen door het eten van volkorenbrood, neen die was te groot en moest operatief verwijderd worden.

We konden wel eerst nog op vakantie maar hij zou wel moeten oppassen wat hij at. We zochten eerst even waar de mini-kliniek op Arran zich bevond voor in geval van nood en we gingen niet uit eten. Dit jaar geen fish and ships maar volkorenbrood met mager beleg en een aardappel met groenten en een stuk mager vlees.

Luc heeft nergens last van gehad, gelukkig maar.

Eens thuis wilden we het zo snel mogelijk achter de rug hebben, Luc is gisteren geopereerd.

En dan gaan wij op vakantie naar stenen kijken.


Foto van 2016 wegens overgeposeerd dit jaar.

Vriendelijk of affront

Voorvalleke 1:

We waren vroeg vertrokken naar de Goatfell om de grote sloef wandelaars voor te zijn, maar alras haalden die ons in. Wij deden het namelijk aan een gezapig tempo.

Onderweg vroegen er wel meer mensen of het nog ging. Ik vroeg me af of -samen met de midges– er een wolk van bezorgdheid over de mensheid was gekomen. Ik vroeg me af waarom.

Pas achteraf bedacht ik … Ik ben me niet steeds bewust van mijn leeftijd. Ik ben altijd wie ik ben, niet het resultaat van mijn geboortejaar. Ik zie het wel … ‘s morgens in de spiegel maar verder merk ik daar niet veel van. Maar zij zien het wél. En ze vragen zich af, of neen, ze denken dat dat niet goed kan komen, daar zo op die berg van 826m hoog.

Ik nam het niet als een affront. Ze bedoelden het goed.

Voorvalleke 2:

We reden de auto in Newcastle de boot op, op dek 3. We sliepen op dek 8. Ik wou de deur door naar de trap. Hij was jong, vriendelijk en behulpzaam en zei dat ik de lift moest nemen. Bij de heenreis was ik ook van dek 3 naar dek 8 geklommen. Ik ga naar Schotland om te hiken (wandelen is in dit opzicht niet juist gekozen, daar had ik het twee jaar geleden al over).

Maar kijk, ik ga niet in discussie met iemand die het goed bedoelt en hij had nog werk genoeg. We stapten de lift in, die stopte op het zesde, waar de informatiebalie zich bevindt. Een andere jonge, vriendelijke behulpzame bekeek mijn ticket en nam mijn arm om me terug in die lift te begeleiden.

Die heb ik wel even gezegd dat er beneden nog veel mensen op de lift stonden te wachten en dat ik nog wel die twee verdiepen trappen aankon.

Ik vroeg me niet af waarom, ik dacht dat de trap versperd was. Maar eigenlijk gold hier identiek hetzelfde, wat spiegel en al betreft, als wat ik hierboven voor de Goatfell beschreef.

Ik nam het niet als een affront. Ze bedoelden het goed.

Eigenlijk is het dan ook geen affront, eigenlijk is het een compliment.

Newcastle of Calais?

De twee eerste keren dat we naar Schotland gingen namen we de ferry van Calais naar Dover. We planden enkele tussenstops om de reis aangenaam te houden. Natuurlijk viel er bij die tussenstops ook wel altijd wat te zien en/of te beleven.

De tweede keer begon het, ik ging me schuldig voelen. Wat voor ons vakantie was -dus eigenlijk een teken van luxe- was voor de vele migranten, die in Calais rond hingen, van levensbelang.

Ik wou Calais vermijden en dat ging er niet om dat ik mijn kop in het zand wou steken want ik weet ook heel goed dat ze niet echt allemaal uit noodzaak het kanaal willen oversteken.

Aangezien we één week Arran te weinig vonden, wilden we daar twee weken van maken en ik ging even uitrekenen. Wat bleek? De ferry van IJmuiden naar Newcastle was duur, maar hij kwam niet duurder uit dan de oversteek van Calais naar Dover met alle tussenstops en het tanken. De beslissing was snel genomen.

Vorig jaar vonden we dat een luxe.

Dit jaar, bizar maar waar, gingen we de tussenstops missen. We vonden het te veel geld voor twee nachten. Geld dat we even goed konden besteden aan een paar interessante tussenstops onderweg. Ik wou weer meer zien, dus haalden we ons lijstje van de eerste jaren terug te voorschijn. Eigenlijk moesten we dat opnieuw opstellen. Er zijn een paar plaatsen waar we terug naartoe willen en er zijn de plaatsen die we wilden zien maar nog niet deden.

Volgend jaar gaan we waarschijnlijk terug via Calais en Dover maar dan van hieruit te vertrekken en niet de avond ervoor al naar Calais afreizen, iets wat we de twee eerste jaren wél deden. Er zijn te veel verhalen over agressief gedrag onderweg naar en in Calais.

Midges

Zo, ik heb de planning wat aangepast, de midges een dag vervroegd. Die beesten hebben het dit jaar namelijk uitgehangen.

Het eerste jaar dat we in Schotland waren hadden we haast geen last. We zijn gewend om hier product met Deet te gebruiken omdat dazenbeten zo een verschrikking zijn. De eerste keer echter had Luc zijn onderarm vergeten in te wrijven, met alle gevolgen van dien.

Daarna hadden we geen noemenswaardige midgesverhalen meer.

Dit jaar hadden we prijs. We vertrokken naar de Goatfell. Er zou geen regen komen. Maar eens in het bos begon het wat te druilen, zelfs niet genoeg om een regenjasje aan te trekken, al deed ik de bescherming van de rugzak wel om. En daar kwamen ze. Hele wolken midges zwermden rondom ons. Ze stierven massaal door de Deet en kleefden in het vocht op onze armen. Voor alle veiligheid spoten we nog maar eens.

En wat vergaten we? Vergeten kan je het niet noemen, ik heb namelijk nog nooit, maar dan ook nog nooit dat product op mijn gezicht aangebracht. Daar hadden wij beet, of beter gezegd: daar hadden de midges beet. Lucs voorhoofd leek een hooggebergte in miniatuur. Mijn hals, nek, oren, … tot net naast mijn ogen.

Bovendien had ik blijkbaar de achterzijde van mijn ene arm vergeten en jà, je zag exact de plaats waar geen product gezeten had. Op mijn benen, altijd bloot bij het wandelen, had ik geen enkele beet.

Die dag hebben we haast alle mensen die Goatfell zien opwandelen met een spraybus in de hand. Het eigenaardige is wel dat we bij het afdalen, waar het zonnig en droog was, geen midge meer gezien hebben.

In de toekomst gaan we ook ons gezicht behandelen. Je spuit het product op je handen en wrijft zo je gezicht in. Alleen vind ik die Deet niet zo een best idee om zo dicht bij ogen te gaan aanstrijken. De producten die we hier zonder Deet kunnen kopen helpen echter niet, dat hadden we al ondervonden. We hebben ons in Schotland dan maar Smidge gekocht. Dat gaan we hier uittesten. Er zit geen Deet in en is dus niet zo giftig.

Of het werkt? Dat wachten we af. We hebben tijd en nog wat Deet.

Luc en vakantie

Een vakantie plannen hier ten huize is eigenlijk heel gemakkelijk. Ik doe dat. En dan niet om de redenen die in dit artikel worden opgegeven maar gewoon omdat ik beter ben in organiseren. Dat is geen bluf, maar een vaststelling.

De inbreng van Luc? Gemakkelijk. Arran moet bij in het pakket zitten en waar hij echt wel belang aan hecht: er moet een supermarkt in de buurt zijn zodat we ‘s morgens vroeg het nodige proviand kunnen halen.

Deze week was ik een beetje aan het overdenken voor volgend jaar en ik vertelde hem wat ik als een bijkomende mogelijkheid zag. Hij tokkelde wat op zijn laptop, keek op en zei: “daar is ook een Coop”.

Wat betekent dat het plan al goedgekeurd is voor het vastligt. Het bijkomend probleem -voor mij- is dan wel dat ik een cottage moet zoeken die zich daar een beetje in de buurt van die winkel bevindt, liefst op loopafstand.

Stel dat dat zou doorgaan en het bevalt hem, bestaat natuurlijk de mogelijkheid dat hij het jaar daarna die mogelijke bestemming ook in het pakket wil.

En dat zou betekenen dat de vakantie alsmaar langer gaat worden.

Good riddance!

Van jaar tot jaar merken wij dat er meer toeristen naar Arran komen. Dat Arran laatst nog vermeld werd in een lijstje met de zeven perfecte eilanden voor een daguitstap, zal er ook wel toe bijgedragen hebben.

Meer mensen betekent meer afval, niet alleen in vuilbakken maar ook gewoon in de natuur. Ik nam er wel meerdere foto’s van. Tot op de Goatfell toe lagen lege flessen. De meesten onder ons zullen wel al geconfronteerd geweest zijn met deze vorm van vervuiling.

Nieuw voor ons was het volgende.

Hondenbezitters zie je overal druk doende met zakjes om de kakjes op te ruimen. Netjes!

Op een zeker ogenblik begon het me op te vallen. Die zakjes met kakjes worden niet altijd daar gedeponeerd waar ze horen, maar ook gewoon langs de kant van de weg gegooid.

(Lees verder onder de fotogalerij)

Dan denk ik: “laat dan gewoon liggen, dan kan het tenminste nog vergaan”.

Deze manier van opkuisen is enkel voor de schone schijn en dat kan -in dit geval- letterlijk genomen worden.

Luc en poseren … dat zijn er twee

Wegens een veto van zijnentwege kan ik bovenstaande titel jammer genoeg niet visueel bewijzen. Maar foto’s van Luc moet ik stiekem nemen.

Het kan wél hoor, dat er een geslaagde foto voortkomt na verwittiging vooraf, maar dan wordt het wel een beetje een speelse foto. Zoals die ene waar hij op staat met Amke en Ella en hij en Ella telefoneren met een banaan. Amke doet daar niet aan. Jongedames, die een sportzak dragen niet cool vinden, telefoneren ook niet met bananen.

Of die andere, waar hij zelf in een kader gaat staan en het dan een staatsieportret noemt.

Vakantiefoto’s van Luc? Vergeet het. Hij kijkt dan te serieus, eerder een beetje zielig.

En al staan er dan wel foto’s van Luc op Flickr -zij het niet publiek- kan ik die welke geposeerd zijn er enkel als privé op plaatsen.

Schapen … maar dan veel

We hadden nog nooit de Auchagallon Stone Circle gezien en dat gingen we maar even recht zetten. Vermits dat toch in de buurt van Machrie ligt, ach ja, waarom niet, die reuzen in Machrie Moor doen we sowieso alle jaren aan.

We stopten op het carpark en werden onthaald door een geblaat van jewelste. Die schapen stonden daar van hun oren te maken en zelfs boven ons stond een schaap ons toe te mekkeren.

Ik sprong uit de auto, nam er een foto van en riep het beest toe: “what are you talking about?”

De schrik sloeg me om het hart toen ik het mutske achter de struiken zag doorlopen. Ik zei: “Luc, daar is een man”. Luc zette zich recht, keek over de struik en zei: “het is een vrouw”. Mja, voor zover: “what are you talking about?”.

We liepen rond de struik en de vrouw zei dat we haar niet op foto mochten zetten. Ik legde even uit dat ik dat nooit doe -ik heb het niet zo begrepen op mensen op mijn foto’s tenzij ik het bewust doe en dan vraag ik het wel- dat ik het schaap dat daar boven ons hoofd stond te blaten had vereeuwigd. Ze lachte en zei: “ja de schapen wél, ik heb mooie schapen”. Ze was de lammeren -halfwas weliswaar- aan het ontwormen en de border collie had die bij elkaar gedreven en daarom stonden de moederschapen zo te blaten.

We babbelden wat over foto’s, over FB waar we een gezamenlijke hekel aan hadden en ik nam foto’s van de schapen en Luc filmde ze, hoop ik toch.

Ik zette de vrouw niet op foto, een belofte is een belofte.

(Lees verder onder de foto)


Meer foto’s.

Na Auchagallon vonden we de parking van Machrie overvol. Waren we toch vergeten zeker dat we vorig jaar genoteerd hadden dat we altijd vroeg zouden komen. Er valt genoeg te beleven op Arran, dus reden we gewoon wat anders doen en keerden enkele dagen later -in de vroegte- terug naar Machrie. En ja, de parking was leeg.

Om bij de Stone Circles te komen moet je eerst door een weide. Onderweg in die weide kwam een auto achterop. Ik zuchtte. Ik houd niet van auto’s waar ze eigenlijk niet … Ik keek om en keek verbaasd. Ze sprong uit haar auto, zei iets van: “vroeg op stap”.

En ja, ook deze schapen waren van haar. Weer bleven we babbelen en liep er ons al een vrouw voorbij, richting stenen. En al hadden we gehoopt dat we er alleen zouden zijn, kon ons dat op dat ogenblik niet schelen. Het was gewoon een genoeglijk moment.

Het bezoek aan de Stone Circles is altijd goed om met een wat vreemd gevoel terug naar de auto te wandelen, want niemand weet waarom die stenen er staan, niemand weet wat hun bedoeling is geweest en toch moet iemand die reuzen daar zo neergepoot hebben dat ze eeuwen later nog steeds imposant en rechtop in het landschap aanwezig zijn.

We liepen dus in gedachten terug naar de auto, toen de jeep andermaal naast ons stopte, ditmaal gewoon om te vragen of Vlaams nu keltisch of Germaans was.

Ik heb geen foto van de vrouw. Het spijt me. Ik zou hem niet publiceren maar gewoon voor mezelf. We hebben geen gegevens gewisseld. Dat spijt me ook. Maar ik zit zo niet ineen. Mogelijk zij ook niet.


Meer foto’s.

Vestimentair gebabbel

Het is nu eenmaal een feit dat ik nooit echt de mode volgde, gewoon omdat ik vond dat ik wou gekleed lopen zoals ik wou gekleed lopen en dat dan ook dééd. Commentaren en rare blikken konden me niet schelen.

Dat veranderde wat nadat ik met de problemen -die ik hier in de reacties beschreef en die zo wat hier en daar op het 14 jaar oude blog terug te vinden zijn- te maken kreeg.

En dat veranderde terug, toen Luc op een website terecht kwam.

Ik liep dus langs Brodick Bay toen ik ineens door de openstaande deur van een winkeltje de regenjas zag hangen die ik al jaren geleden graag had gehad maar nooit had gevonden omdat hij eigenlijk nogal klassiek Brits was/is. Ik hield mijn pas in, zette een stap terug, keek nog eens, ik had niet verkeerd gekeken. Maar toch liep ik door. Luc, benieuwd geworden door mijn eigenaardig gedrag moest natuurlijk weten wat er gaande was. Hij wou weten waarom ik niet binnen was gegaan. Ik legde uit: ik breder geworden, één jas? Was de winkel binnen stappen niet vragen om een desillusie?

De volgende dag liep Luc de winkel binnen en zei: “gewoon eens kijken”. En ja, twee maten te klein. Maar anderzijds … hij zag er nogal ruim uit. Hij zit als gegoten want natuurlijk nam ik hem mee. Eén exemplaar in een winkel en mij dan nog passen? Dat is voorbestemd.

De ochtend van de Highland Games scheen de zon, maar toch deed ik de jas aan. De app voorspelde regen en al was het wat ongeloofwaardig, ik ging geen risico’s meer nemen. Niemand heeft me raar bekeken, niemand heeft gelachen.

De doedels vertrokken maar ineens boven de vierde en laatste groep, de Maybole Pipe Band -mijn favorieten- gingen de hemelsluizen open. Het goot.

Even dacht ik dat het uit was met de optocht, maar petje af voor die mensen, die doedelden gewoon verder. En het publiek? Dat publiekte verder. Wij dus ook.

(Lees verder onder de foto)


Meer foto’s.

Nadien brak de zon weer door en besloten we toch maar een kijkje te gaan nemen bij de Highland Games.

En voor wie zich nog steeds afvraagt of …

Ze is rood!

Page 1 of 10

Powered by WordPress & Theme by Anders Norén